Mentale weerbaarheid en veerkracht

“Ik ben veerkrachtig.” Hoe waar is die uitspraak voor jou? Het is een van de items uit een veelgebruikte vragenlijst om veerkracht te meten, en het verraadt een hardnekkig misverstand: dat veerkracht een vaste eigenschap is die je nu eenmaal wel of niet hebt. De werkelijkheid is rijker en hoopvoller. Veerkracht is geen bezit maar een proces, en juist daarom valt eraan te werken. In dit artikel laat ik zien hoe recent onderzoek veerkracht opnieuw definieert, en hoe dat samenhangt met je eigen regie (agency) en met de weg uit aangeleerde hulpeloosheid.

Mentale weerbaarheid en gezondheid welbevinden wandelcoach Den Haag cognitieve, emotionele en sociale vaardigheden die iemand in staat stellen een zinvol, lerend en productief leven te leiden en succesvol verschillende sociale rollen en functies te vervullen gedurende de verschillende stadia in diens levensloop
Mentale weerbaarheid en gezondheid

Veerkracht: geen eigenschap, maar een proces

De eerste onderzoekers naar veerkracht (resilience) waren ontwikkelingspsychologen in de jaren zeventig. Zij bestudeerden kinderen die opgroeiden onder zware omstandigheden en vroegen zich af waarom sommige van hen toch goed terechtkwamen. Hun eerste vermoeden, dat dit lag aan een bijzondere eigenschap die je wel of niet had, bleek niet te kloppen.

De meest recente en best onderbouwde opvattingis : veerkracht is een dynamisch proces van aanpassing aan een stressor, waarin die hulpbronnen meespelen. Niet iets wat je bent, maar iets wat zich voltrekt.

waaiboom een beeld voor weerbaarheid en resilience Coach en psycholoog Den Haag
waaiboom: een beeld voor weerbaarheid en resilience

Verschillende wegen naar veerkracht

veerkracht resilience mentale gezondheid

In het PI-PE-model (Psychologische Immuniteit–Psychologische Elasticiteit) van IJntema en collega’s is het nuttiger om te denken in paden dan in eigenschappen. Na een concrete stressor kun je verschillende kanten op:

*Soms ben je er psychologisch immuun voor: je blijft stabiel (duurzaamheid) of functioneert achteraf zelfs beter (bloei).
*Soms ben je elastisch: je wordt geraakt maar veert terug (herstel), zo nodig door anders naar jezelf of de situatie te leren kijken (transformatie).
*En soms loopt het vast in een niet-veerkrachtig pad: vasthouden aan gedrag dat niet meer past (rigiditeit) of je onvoldoende kunnen aanpassen (kwetsbaarheid).

Antifragiliteit is een soort van veerkracht. Dit is een begrip van Nassim Taleb voor systemen die juist sterker worden van de juiste dosis stress, net als het trainen met gewichten. Dit is verwant aan wat de stressonderzoeker Hans Selye eustress (nuttige stress) noemde. De kernvraag is dus niet alleen “Hoe kom ik er weer bovenop?”, maar ook: welk soort veerkracht vraagt deze situatie? Soms is teruggaan naar hoe het was passend, maar soms is het beter om mee te bewegen naar iets nieuws.

Stabiliteit is nog geen veerkracht

instabiele structuur

Een belangrijke waarschuwing uit de systeemwetenschap: stabiliteit en veerkracht zijn niet hetzelfde. Soms lijkt een system (een mens is een systeem, maar ook een huwelijk, of een gezin, of een land) stabil en klapt toch ineens heel snel in elkaar.
Wel merk je al voor de instorting, al dat het systeem, of de mens, niet meer flexiebel reageert. Voor werkstress en burn-out is dat een waardevol inzicht: blijf niet alleen letten op de snelle, zichtbare signalen (“ik draai nog mee”), maar juist op de trage: herstel je nog van een drukke week, of duurt dat steeds langer?

Veerkracht en je eigen regie

Welk pad je opgaat, hangt volgens het PI-PE-model af van een combinatie van factoren:
*de aard, ernst en duur van de stressor;
*je eerdere ervaringen ermee; de betekenis die je eraan geeft;
*en bevorderende én belemmerende factoren in jezelf én in je omgeving.

Veerkracht is dus niet puur individueel maar systemisch: ook je omgeving doet mee. We zouden daarom niet te snel moeten oordelen dat de één “veerkrachtiger” is dan de ander. Misschien was de stressor zwaarder of de omgeving kariger.

Precies in die betekenisgeving zit de brug naar je eigen regie. Hoe je een tegenslag uitlegt, dus je attributiestijl, bepaalt mede welk pad je inslaat. Zie je een tegenslag als iets persoonlijks, blijvends en allesomvattends, dan bewandel je in feite een niet-veerkrachtigepad. Dit is een teken van aangeleerde hulpeloosheid: het gevoel dat je handelen er toch niet toe doet.
Als he lukt om te leren om er anders naar te kijken en opnieuw te ervaren dat je wél invloed hebt open je juist de weg naar herstel en transformatie.
Dat is dezelfde beweging die ik beschrijf in verdriet, angst en boosheid: van klacht naar kracht en in meer zelfcompassie.

patroon

Hoe versterk je veerkracht?

Omdat veerkracht een proces is, valt het niet af te vinken met één training. Het PI-PE-model wijst op meerdere aangrijpingspunten:

  • De stressor doseren waar dat kan, zodat je niet ineens overvraagd wordt. Bijvoorbeeld rust zoeken.
  • Ervaring opbouwen met terugkerende stressoren. Een goed gedoseerde uitdaging maakt sterker (het antifragiliteits-idee), mits er ruimte is om te herstellen en te leren.
  • Inzicht krijgen in de betekenis die je aan een ervaring geeft, en alternatieve betekenissen onderzoeken. Lees meer over alternatieve gedachten in mijn blog over Cognitieve gedragstherapie.
  • Gerichte persoonlijke hulpbronnen versterken, zoals een mastery mindset en passende copingstrategieën.
  • Gerichte omgevingshulpbronnen versterken: steun, verbondenheid en een werkomgeving die je autonomie ondersteunt.
zelfdeterminatietheorie, dat de intrinsieke motivatie Welzijn en intrinsieke motivatie van mensen samenhangt met 3 factoren (psychologische basisbehoeften) : autonomie, competentie en saamhorigheid
autonomie, competentie en saamhorigheid
  • Belemmerende factoren wegnemen of verminderen, zoals opgestapelde andere stressoren. Bijvoorbeel hulp inhuren voor schoonmaak, financiele organisatie etc.

Veerkracht is dus dynamisch, systemisch en te beïnvloeden. De vraag is niet langer “ben ik veerkrachtig?”, maar “welk pad wil ik op, en wat heb ik daarvoor nodig, in mezelf én om me heen?”. Daarmee is mentale veerkracht onlosmakelijk verbonden met je eigen regie. In coaching is het versterken van die regie, en het stap voor stap herwinnen ervan na aangeleerde hulpeloosheid, vaak de rode draad.

Literatuur

Bandura, A. (1997). Self-efficacy: The exercise of control. W. H. Freeman.

Holling, C. S. (1973). Resilience and stability of ecological systems. Annual Review of Ecology and Systematics, 4, 1–23.

IJntema, R. (2021). Psychologische veerkracht: een uitdaging in alle opzichten. De Psycholoog, 56(11), 10–21.

IJntema, R. C., Schaufeli, W. B., & Burger, Y. D. (2023). Resilience mechanisms at work: the Psychological Immunity–Psychological Elasticity model of psychological resilience. Current Psychology, 42, 4719–4731.

Klaas, B. (2026, 4 juni). What is resilience? The Garden of Forking Paths.

Scheffer, M., e.a. (2009). Early-warning signals for critical transitions. Nature, 461, 53–59.

Taleb, N. N. (2012). Antifragile: Things that gain from disorder. Random House.

Minder piekeren

Negativiteitsbias angst bedreiging gevaar  cognitie bias zorgen piekeren tobben stress depressie gedachten pessimisme relaties emotie gedrag
negativiteitsbias

Alle mensen piekeren af en toe. Het menselijk leven is soms moeilijk. De ontwikkeling van onze hersenen in een gevaarlijke omgeving heeft ertoe geleid, dat wij mensen een zo genaamde negativiteitsbias hebben. Dit is een cognitieve bias die ertoe leidt dat ongunstige gebeurtenissen een grotere invloed hebben op onze psychologische toestand dan positieve gebeurtenissen. De negativiteitsbias treedt zelfs op wanneer ongunstige gebeurtenissen en positieve gebeurtenissen even sterk  zijn. Dat betekent dat we negatieve gebeurtenissen intenser voelen.

Dit is één van de redenen dat we makkelijk piekeren. (De andere reden is, dat we soms niet makkelijk tot actie kunnen komen).

Mensen zijn geneigd zijn meer aandacht te besteden aan negatieve informatie en negatieve ervaringen dan aan positieve. Mensen vinden negatieve informatie ook belangrijker dan positieve. Deze negativiteitsbias verschijnt op verschillende gebieden, b.v. emotie, geheugen, aandacht en besluitvorming. Hoewel de exacte evolutionaire oorsprong van de negativiteitsbias niet volledig wordt begrepen, zijn er verschillende theorieën die proberen te verklaren hoe deze bias zich in de loop der tijd heeft ontwikkeld.

Lees verder “Minder piekeren”

Ontspannen

Het leven is vol stress. Het is belangrijk om op je lichaam te letten en te leren om te ontspannen.

ontspanning
  • Op tijd na bed
  • Niet vergeten te eten en te drinken
  • Regelmatig ontspannen

Als je merkt dat je gespannen, bos of angstig wordt, heb je niet goed genoeg voor jezelf gezorgd. Eet iets, drink iets, en doe ontspanningsoefeningen, zoek steun.

Er zijn vier soorten ontspanningsoefeningen:

  • ademoefeningen
  • spieroefeningen
  • fantasieoefeningen
  • snel bewegen, springen en dansen

Ontspannen met ademoefening

Adem langzaam en met je buik (houd je hand op je buik) zo diep in als je kunt. Tel hoe lang je inademt, bijvoorbeeld, tel tot 10. Vervolgens adem je dubbel zo lang uit als je inademt, dus tel tot 20.

stressmanagement ademing wandelcoach

Herhaal een paar keer, minimaal 10 keer. Je zult merken, dat dit een zeer effectieve manier van ontspanning is. Het beste kan je ook de ogen gesloten houden en op je lichaam letten.

Spieroefening (isometrisch)

Je spieren ontspannen het makkelijkst als je ze eerst aanspant tegen een weerstand.

1.Plaats de armen op de bovenkant van het bureau, handpalmen naar beneden. Druk met de armspieren naar beneden. Houd vast en herhaal.

2. Pak met beide handen de onderkant van de stoelzitting vast. Trek omhoog met de armspieren.

3. Leg je hoofd en je armen op tafel. Druk hoofd en armen naar beneden, tegen de weerstand van de tafel

ontspanning

Fantasieoefening voor ontspanning

Sluit je ogen, denk terug aan een keer dat je heel gelukkig was. Een stranddag, een dag in het zwenbad, vakantie of een feest. Probeer je alle details te herinneren. Denk eraan dat je graag zoiets weer wilt beleven. Met wie kan je hierover praten en het plannen?

Springen en dansen op je lievelingsmuziek!

dans

Praat over ontspanning!

Praat hierover met anderen. Wat doen zij om te ontspannen? Hoe kunnen je vrienden en je familie je helpen om beter te ontspannen?

Goed reageren op kwetsende opmerkingen

We hebben allemaal te maken met onvriendelijke of kwetsende opmerkingen van anderen. Dit zijn opmerkingen die onschuldig of onbedoeld lijken, maar pijn of verdriet kunnen veroorzaken bij degene die ze hoort. Vaak gaan dergelijke opmerkingen verkleed als onschuldige observatie. Maar onuitgesproken is er een negatieve betekenis of negatief oordeel:

Micro-agressies

microagressies
microagressies

Dit zijn subtiele of indirecte uitingen van vooroordelen of discriminatie van een gemarginaliseerde groep, zoals gekleurde mensen, LGBTQ+ mensen, vrouwen, mensen met een handicap, enz. Bijvoorbeeld, zeggen “Je spreekt heel goed Nederlands” tegen iemand die geen moedertaalspreker is, of vragen “Waar kom je eigenlijk vandaan?” tegen iemand die burger is van het land waar hij of zij woont. Deze opmerkingen impliceren dat de persoon niet volledig wordt geaccepteerd of gerespecteerd als lid van de samenleving.

Lees verder “Goed reageren op kwetsende opmerkingen”

Feedback geven en ontvangen

Feedback geven en ontvangen is een moeilijke kunst.

Commentaar leveren ten opzichte van een medewerker of een ondergeschikte kan op verschillende manieren misgaan. De feedback kan worden opgevat als straf, als bedreiging of als niet passend in een bepaalde situatie of in een bepaalde relatie.

intrinsieke motivatie

Het beste uitgangspunt voor een constructief commentaar is in de zelfdeterminatietheorie te vinden, de beste hedendaagse motivatietheorie. Volgens de zelfdeterminatietheorie moet de intrinsieke motivatie van mensen worden ondersteund. Dit gebeurt als de menselijk basisbehoeften worden erkend: autonomie, competentie en verbondenheid.

(Deze tekst gaat niet of in mindere mate over het formeel beoordelen van medewerkers of studenten volgens gegeven criteria.)

Lees verder “Feedback geven en ontvangen”

Faalangst en prestatieangst

Wij willen allemaal graag succesvol zijn: bijvoorbeeld slim, effectief, mooi en aantrekkelijk. We zien overal om ons heen en op social media mensen, die op veel manieren geslaagd en populair zijn. Als we ons veel met anderen vergelijken of met een ideaalbeeld hoe we graag willen zijn, kunnen we makkelijk angstig en verdrietig worden. Ook kan het voorkomen dat we in een moeilijke tijd als te veel van ons gevraagd wordt, faalangst en prestatieangst meemaken.

Sociale vergelijking als bron van angst

Sociale vergelijking als bron van faalangst prestatieangst

Als we onszelf vergelijken met mensen die in bepaalde opzichten beter zijn dan wij, zoals uiterlijk, status of prestaties, kunnen we ons minderwaardig, ontoereikend of onwaardig voelen. We kunnen ook over het hoofd zien dat iedereen zijn eigen unieke omstandigheden, uitdagingen en doelen in het leven heeft. We kunnen onszelf dan beoordelen op basis van onrealistische of oneerlijke normen die niet ons ware potentieel weerspiegelen.

Leren van een voorbeeld

Sociale vergelijking lokt vaak angst uit, met name als het verschil tussen jou en de andere persoon groot is. Het is belangrijk om andere mensen als voorbeeld te nemen, die sterk op ons lijken, maar misschien in hun ontwikkeling net wat verder zijn gekomen dan we zelf. Voorbeeld-leren werkt uitstekend, maar alleen als het verschil tussen de lerende persoon en het model klein is. Als je zelf wilt gaan sporten is het goed om een vriendin als voorbeeld te nemen die voor niet al te lange tijd zelf begonnen is met bewegen. Als je gezonder wilt eten, kies je iemand die net wat gezonder eet dan jezelf, zonder dat het verschil groot is.

Pas op met zoeken van status, geld, prestige

geld financiele prikkels kunnen averechts werken (extrinsieke motivatie) Faalangst en prestatieangst

Status, geld, prestige en macht zijn zogenoemde “extrinsieke” motivatoren. Het najagen van extrinsieke doelen maakt ons zelden gelukkig en vaak angstig. Probeer daarom zo veel mogelijk naar “intrinsieke” doelen te streven, zogenaamde psychologische basisbehoeften. Met name het streven naar verbondenheid met andere mensen werkt angst sterk tegen. Vraag anderen om hulp en steun en geef zelf anderen hulp, vriendelijkheid en aandacht. Sociale verbondenheid werkt wonderen tegen angst!

Beteugel je ambitie

kleine stappen leren veranderen

Naast het kiezen van goede voorbeelden en het zoeken van verbondenheid met anderen is het essentieel, de ambitie te beteugelen. Ambitie maakt angstig. Probeer kleine, minimale stappen te plannen, die geen angst uitlokken, alleen misschien wel ongemak.

Als je bang bent om voor een examen te studeren (uitstelgedrag), ga je 10 minuten inplannen. In die minuten ga je alleen met het lesboek aan tafel zitten. Als je dit aankan, open je het boek. Ontspannen. Kijk naar de inhoudsopgave. Kan je dit aan zonder paniek? Probeer een pagina te vinden waar je minimaal 1 zin snapt. Ontspan. Zoek nog een zin. Als je een zin tegenkomt, die je niet snapt, schrijf die op. Ontspan. Vraag een studiegenoot of de docent over deze zin. Google die zin.

Als je er zelf niet uitkomt, zoek een psycholoog of coach. Bij faalangst kunnen enkele sessies genoeg zijn om je op weg te helpen!

Het lerende brein

Een moderne opvatting van het brein

Lisa Feldman Barrett boek brein
Lisa Feldman Barrett

Als het om het onderwerp brein en emoties gaat, is er voor mij geen betere wetenschapper dan Lisa Feldman Barrett. In boeken, interviews en video`s legt zij haar ietwat contra-intuïtieve “constructivistische” theorie uit. Haar theorie verschilt sterk van alle populairwetenschap over het zogenaamde “reptielenbrein”. Haar theorie verschilt ook sterk van de populaire visie van het brein en de mens als vooral reactief en passief reagerend op de omgeving.

brein hersenen emotie waarneming actief voorspellen constructivistisch Lisa Feldman Barrett leren veranderen trauma
brein voorspelt actief

Volgens Feldman Barrett is de belangrijkste taak van de hersenen het reguleren van energie en voeding van het lichaam. De hersenen reageren hierbij niet passief op de omgeving (zoals veel mensen denken). In tegendeel, de hersenen voorspellen voortdurend wat het lichaam nodig heeft en wat de omgeving zal doen. Hierbij maken de hersenen gebruik van ervaringen uit het verleden. Emoties, gedachten, percepties en acties zijn de uitkomsten van deze voorspellingen. Feldman Barrett stelt dat het bewustzijn niet iets is wat we hebben, maar iets wat we maken: haar belangrijke theorie is dus een constructivistische visie. De hersenen reageren niet zomaar, de hersenen construeren.

Optische illusies

Optische illusies kunnen aantonen hoe onze hersenen onze perceptie van de werkelijkheid construeren om aan onze verwachtingen te voldoen. Hierbij vult het brein gaten in de sensorische waarneming op met behulp van onze ervaringen uit het verleden.

Ebbinghaus illusie: de oranje cirkel links lijkt kleiner dan die rechts, maar ze zijn in feite even groot.
Ebbinghaus illusie: de oranje cirkel links lijkt kleiner dan die rechts,
maar ze zijn in feite even groot.

In het alledaagse leven hebben we een gevoel van naïef realisme: dat de manier waarop wij de wereld zien ook de manier is waarop de wereld ook echt in elkaar zit. Naïef realisme is het gevoel dat onze waarneming van de wereld de waarheid weerspiegelt. Dit voelt goed. Het voelt simpel. Het voelt alsof wij de controle over ons en over de wereld hebben.

Optische illusies stellen ons voor interessante uitdagingen: hoe weten we wat echt is? En als we eenmaal de grenzen van onze hersenen kennen, hoe kunnen we dan bescheidener zijn – en goed nadenken over onze waarnemingen?

Dit betreft dan niet alleen optische illusies, maar alle waarnemingen en oordelen inclusief alle “cognitieve bias” en “collectieve illusies”.

Optische illusies tonen onze feilbaarheid aan. En geven ons dus een reden om in dialoog met anderen de waarheid te zoeken. En te blijven leren.

Leren en veranderen

Omdat de hersenen voortdurend gebruik maken van eerdere ervaringen om stimuli uit de omgeving te interpreteren, zijn wij mensen niet passief uitgeleverd aan ons “reptielenbrein” of ons evolutionaire erfenis. Wij kunnen leren en veranderen. Ook na een trauma is het mogelijk om opnieuw te leren te vertrouwen in plaats van angstig op bepaalde stimuli te reageren.

vertrouwen
vertrouwen

Voor Lisa Feldman Barrett betekent leren het creëren van nieuwe concepten die ons helpen de wereld te begrijpen. Ze stelt ook dat leren een actieve constructie van betekenis is. Leren is de essentie van het leven.

intrinsieke motivatie
zelfdeterminatietheorie

Leren kan worden bevorderd door nieuwsgierigheid te cultiveren, nieuwe dingen op te zoeken, jezelf uit te dagen en onzekerheid te omarmen. Ze gelooft dat leren essentieel is voor het menselijk welzijn en geluk. Haar opvatting van leren is in overeenstemming met de Zelfdeterminatietheorie en Dwecks theorie van de groeimindset. De behoefte voor competentie en leren is een basisbehoefte, en dus een doel op zich.

Mentale weerbaarheid en gezondheid welbevinden wandelcoach Den Haag cognitieve, emotionele en sociale vaardigheden die iemand in staat stellen een zinvol, lerend en productief leven te leiden en succesvol verschillende sociale rollen en functies te vervullen gedurende de verschillende stadia in diens levensloop
Mentale weerbaarheid

Leren verrijkt je leven met nieuwe mogelijkheden en geeft een gevoel van agency (autonomie) en empowerment. Als je blijft leren ben je flexibeler en veerkrachtiger bij veranderingen. Leren helpt je te groeien als persoon en als lid van de samenleving.

Literatuur:

Barrett, L. F. (2017). The theory of constructed emotion: an active inference account of interoception and categorization. Social cognitive and affective neuroscience, 12(1), 1-23.

Hulp bij werkstress

vermoeidheid stress burn-out overspanning hulp ondersteuning

Veel mensen werken in een omgeving die op den duur tot te hoge belasting, overspanning of zelfs burn-out kan leiden. Deze langdurige oververmoeidheid wordt gezien als een samenspel van factoren waarin werkstress, persoonlijkheid en het privéleven een rol spelen.

Het is belangrijk dat werknemers zelf proactief actie ondernemen als zij merken dat het stressniveau te hoog oploopt. Plan samen met de werkgever hoe de werkomgeving duurzame inzetbaarheid optimaal ondersteunt.

Pauzes

Tijdens het werk moeten er voldoende pauzes en buffers zijn. In eerste instantie moet de werkdruk bij jouw capaciteiten passen en je niet overvragen. Dan moet de werkplek ook ruimte laten voor onverwachte gebeurtenissen. Elke werkplek kent ook noodzakelijk onderhoud zoals opruimen en archiveren. Daarvoor moet vaste tijd worden ingepland. Ook moet er ingeplande ruimte zijn om te leren en te ontwikkelen en voldoende pauzes te maken. (Ik zou zeker 5 minuten pauze per uur aanbevelen om te bewegen, te rekken en de ogen te sluiten).

Ergonomie

hoofdtelefoons met ruisonderdrukking tegen lawaai en stress op het werk

De fysieke werkomgeving moet zo stressvrij als maar mogelijk zijn. Vraag om ergonomische hulpmiddelen, zoals zit-sta-bureaus en afscheidingen voor privacy. Ook is het belangrijk om over de mogelijkheid te beschikken om zichtbaar een signaal te geven dat je ongestoord en zonder onderbreking wilt werken. Let daarnaast ook op lawaai in je omgeving. Lawaai op de werkplek is een zware fysieke stressfactor. Bespreek met je leidinggevende hoe je lawaai kunt minimaliseren met bijvoorbeeld hoofdtelefoons met ruisonderdrukking.

Copingsstrategieen

De manieren waarop we proberen met stress en moeilijke emoties om te gaan, noemen psychologen copingstrategieën. Sommige van deze technieken zijn probleemgericht, andere richten zich op een akute stresssituatie. Lees hier meer over verschillende copingstrategieën.

Leefstijl

Let op de lichamelijke basis van psychische en fysieke gezondheid: goed eten, bewegen en slapen. Laat je niet verleiden, veel suiker of ongezonde snacks te consumeren. Blijf bij fruit, groeten en noten en een gezonde lunch. Als het kan, maak een lunchwandeling. Beweeg tussendoor door even de trap op en neer te lopen of wat rekoefeningen te doen (kan ook op de wc). Op die manier geef je je lichaam een kans om stresshormonen weg te werken.

Ondersteuning

Vraag collega`s en leidinggevenden om vriendelijke bejegening en psychologische ondersteuning. Geef aan hoe je graag wordt ondersteund, en wat je collega`s kunnen doen om je autonomie, je competentie en je verbondenheid op het werk kan verbeteren. Oefen ook nuttige technieken om met onvriendelijke en neerbuigende opmerkingen om te gaan.

Reflectie en monitoring

dagboek emotie cognitie zelfbeeld afstand perspectief

Houd een dagboek bij om problemen te noteren: wanneer voelde je je gestressed? Wat gebeurde, wie was er aanwezig, hoe kan dit worden verbeterd? Bespreek deze incidenten met collega’s die je vertrouwt of anders met een professionele coach.

Constructieve relatieconflicten

Dit blog is een uitweiding van het blog Betere relaties. Daar liet ik zien hoe relaties bloeien als we elkaars psychologische basisbehoeften aan autonomie, competentie en verbondenheid ondersteunen. Maar wat doe je als het schuurt? Hieronder ga ik in op de vraag hoe je conflicten constructief voert.

conflict

Conflict hoort erbij en is zelfs nodig

We zijn geneigd om weinig conflict gelijk te stellen aan een goede relatie. Dat klopt niet. De afwezigheid van conflict zegt niets over de kwaliteit van een relatie. Weinig ruzie is soms zelfs een teken dat partners elkaar uit de weg gaan, dingen oppotten, of zichzelf wegcijferen.

Conflict is in essentie verbinding. Het is de manier waarop we ontdekken wie we zijn, wat we willen, wie onze partner is en wat hij of zij wil. Conflict wil verschillen overbruggen en legt ook de gemeenschappelijke grond bloot.

De onderzoekers John en Julie Gottman hebben tientallen jaren stellen geobserveerd in hun zogenoemde “Love Lab”. Wat hen opviel: niet de aanwezigheid van conflict voorspelt of een relatie standhoudt, maar de manier waarop er geruzied wordt. Stellen die op een bepaalde manier botsten, gingen gemiddeld vijf jaar na hun huwelijk uit elkaar. Stellen met andere conflictpatronen bleven daarentegen samen en groeiden door hun conflicten zelfs naar elkaar toe.

In dit blog deel ik de belangrijkste inzichten uit hun werk over hoe je een conflict zó voert, dat het je relatie versterkt in plaats van uitholt.

niet oplosbaar

De meeste conflicten zijn niet oplosbaar, en dat is oké

Een belangrijke nuance vooraf: ongeveer 69 procent van de conflicten in langdurige relaties is perpetueel. Dat wil zeggen: niet definitief oplosbaar. Deze conflicten raken aan dieperliggende verschillen tussen partners: verschillen in temperament, prioriteiten, waarden, geschiedenis.

Dat is logisch. We worden meestal niet verliefd op onze kloon. Vaak juist op iemand die ons aanvult, die anders is. Die andersheid is mooi, maar veroorzaakt ook telkens dezelfde discussies: over tempo, over geld, over hoeveel sociale contacten je wilt, over opvoeding, over rommel.

Wie verwacht dat een goede relatie zo’n conflict definitief oplost, raakt teleurgesteld. Het doel is anders: het gesprek erover steeds een beetje beter voeren. Steeds een stukje meer begrip. Steeds een beetje meer ruimte voor beide kanten.

Lees meer over hoe productief om te gaan met onoplosbare (paradoxe) conflicten

De vier “ruiters van de Apocalyps”

De Gottmans identificeerden vier communicatiepatronen die een relatie ondermijnen. Ze noemden deze patronen de Vier Ruiters van de Apocalyps:

1. Kritiek. Niet “ik baal ervan dat je vergeten bent te bellen”, maar “jij denkt ook nooit aan een ander”. Het verschil: kritiek richt zich op de persoon en zijn karakter, niet op het gedrag of de situatie. Kritiek voelt als een aanval en lokt verdediging uit.

2. Minachting. Een snier, een rolletje van de ogen, sarcasme, vernedering. Minachting is volgens de Gottmans de gevaarlijkste van de vier. Deze is de sterkste voorspeller van relatiebreuk. Het communiceert: “ik sta boven jou”.

3. Verdediging. Reageren met “ja maar…”, de schuld terugkaatsen, jezelf als slachtoffer presenteren. Verdediging blokkeert elke beweging, er valt niets meer te leren, niets meer te ontvangen.

4. Muren optrekken (stonewalling). Zwijgen, weglopen, dichtklappen. Vaak een reactie op overweldiging, maar voor de ander voelt het als afwijzing of straf.

Belangrijk: deze patronen komen in elke relatie wel eens voor. Het probleem ontstaat pas wanneer ze de standaardmanier worden waarop je met elkaar omgaat.

Overspoeling: waarom je gesprek soms volledig vastloopt

In een verhit conflict gebeurt er iets fysiologisch. Hartslag stijgt boven de honderd, ademhaling versnelt, het lichaam schiet in vecht-vluchtmodus. De Gottmans noemen dit flooding (overspoeling).

In dde flooding-staat zijn we biologisch niet meer in staat tot goed luisteren, nuance, empathie of compromis. De delen van het brein die daarvoor nodig zijn, krijgen letterlijk minder bloedtoevoer. Wie probeert door te praten terwijl een van beiden overspoeld is, maakt het alleen erger.

Wat te doen? Pauzeer. Tegen je partner: “Ik merk dat ik overspoeld raak. Ik heb even pauze nodig. Over een half uur ben ik er weer.”

Twee belangrijke voorwaarden voor zo’n pauze:

  • Minimaal twintig minuten. Dat is hoe lang het lichaam nodig heeft om het stresshormoon noradrenaline af te breken.
  • Niet langer dan vierentwintig uur. Anders wordt het ontwijken in plaats van pauzeren.

In de pauze: ga uit het zicht van je partner, doe iets ontspannends, probeer je met andere dingen bezig te houden. Ademhalingsoefeningen helpen het zenuwstelsel tot rust te brengen. Lopen helpt. Even iets fysieks doen, zoals afwassen of tuinieren, helpt. Doorpiekeren helpt niet. Op de website vind je een blog over ontspannen en over minder piekeren met meer praktische handvatten.

ontspannen en loslaten in de duinen

Zacht beginnen: de “softened start-up”

De Gottmans ontdekten iets opmerkelijks: in 97 procent van de gevallen voorspellen de eerste drie minuten van een conflict hoe het zal aflopen. Hoe je begint, is hoe je eindigt. Een harde, beschuldigende opening maakt een goed gesprek vrijwel onmogelijk.

De formule voor een zachte opening is verbluffend simpel:

“Ik voel X over Y en ik heb Z nodig.”

Drie elementen:

  • Ik voel X. Beschrijf je eigen gevoel. Niet je partner.
  • Over Y. Beschrijf de situatie of het probleem feitelijk, zonder verwijt.
  • Ik heb Z nodig. Formuleer een positieve behoefte — wat kan je partner doen om de situatie beter te maken? Niet de lijst met wat hij of zij verkeerd doet.

Een voorbeeld. In plaats van: “Jij denkt ook nooit aan mij, je hebt me niet eens gebeld!” probeer: “Ik voelde me eenzaam toen je gisteravond zo laat thuiskwam zonder bericht. Ik heb het nodig dat je me even een appje stuurt als het later wordt.”

Hetzelfde onderwerp. Compleet ander gesprek.

Bij een zachte opening hoort ook: geen “kitchen sinking” niet alle oude pijn van vroegere ruzies erbij halen. Eén onderwerp. Deze situatie. Alleen deze situatie.

Als je partner een onderwerp aansnijdt: luister eerst

De partnervaardigheid bij de zachte start-up is goed kunnen luisteren wanneer je partner iets aankaart. Hier maken de meeste mensen dezelfde fout: ze schieten direct in verdediging, in uitleggen, in weerleggen.

De stellen die de Gottmans “meesters van de liefde” noemden, deden iets anders: zij stelden hun eigen perspectief uit. Eerst de ander volledig begrijpen. Daarna pas reageren.

Wat dat concreet betekent:

  • Luister zonder direct je tegenargument klaar te leggen
  • Stel open vragen: “Vertel me meer”, “Was er nog iets anders dat je dwars zat?”
  • Vat samen wat je hoort: “Dus voor jou voelde het alsof…?”
  • Valideer. Validatie is niet hetzelfde als instemmen. Het betekent: ik kan zien waarom jij het zo ervaart. “Ik snap waarom dat je raakte.”

Validatie is misschien wel de meest onderschatte vaardigheid in relatieconflicten. Het kost niets ( je hoeft je positie niet op te geven) en het haalt onmiddellijk spanning uit een gesprek.

Los het moment op, niet het hele conflict

Een andere paradigmaverschuiving: tijdens een ruzie hoef je het probleem niet op te lossen. Vaak kun je dat ook helemaal niet, want, zoals boven al gezegd de meeste conflicten zijn perpetueel en niet oplosbaar.

Het doel is anders. Niet winnen. Ook niet je partner overtuigen. Niet eens een compromis bereiken. Het doel is: dit gesprek positiever maken dan negatief.

Dat is het. Een conflict waarin je elkaar uiteindelijk hebt gehoord, waarin de toon vriendelijk bleef, waarin geen lelijke dingen zijn gezegd — dat is een geslaagd conflict. Zelfs als het probleem zelf nog op tafel ligt.

De magische verhouding: 5 op 1

In mijn blog over betere relaties noemde ik al de “magic ratio” van de Gottmans. In gelukkige relaties is de verhouding tussen positieve en negatieve interacties vijf op één in het dagelijks leven.

Ook tijdens conflicten geldt deze verhouding: vijf positieve momenten tegenover één negatief. Dat klinkt onmogelijk midden in een ruzie, maar de “positieve momenten” zijn klein:

  • Een knikje van begrip
  • Even oogcontact
  • “Dat is een goed punt”
  • “Daar heb je gelijk in”
  • Een korte aanraking van een hand
  • Een glimlach
  • Even humor
  • “Sorry, dat was te scherp”
  • “Ik wil graag begrijpen wat je bedoelt”

Dit zijn wat de Gottmans reparatiepogingen noemen. Kleine, vaak onopvallende gebaren waarmee je laat zien: ik wil bij je blijven, ook nu we het niet eens zijn.

De achtergrond hiervan is dat ons brein een negativiteitsbias heeft: negatieve momenten wegen veel zwaarder dan positieve. Eén harde opmerking wist vijf vriendelijke uit. Daarom zijn die kleine positieve gebaren tijdens een gesprek niet bijzaak, maar essentieel.

Boosheid is informatie

Bij conflict komen ongemakkelijke emoties los: boosheid, frustratie, soms verdriet of angst. We hebben de neiging deze te willen wegduwen. Dat is jammer, want emoties bevatten informatie.

Boosheid in het bijzonder krijgt vaak ten onrechte een negatief stempel. Neurowetenschapper Richard Davidson liet zien dat boosheid in het brein juist een toenaderingsemotie is, net als nieuwsgierigheid en vreugde. Boosheid signaleert: er is iets dat ik wil, en het lukt nu niet. Er zit dus een doel onder, een behoefte.

Het probleem is niet dat we boos zijn. Het probleem ontstaat pas wanneer boosheid zich uit als kritiek, minachting of verdediging. Probeer in plaats daarvan boosheid te benaderen met nieuwsgierigheid: wat zegt deze boosheid mij over wat ik nodig heb? Wat is de frustreerde behoefte eronder?

Voor wie hier meer over wil lezen: het blog Verdriet, angst, boosheid: van klacht naar kracht gaat hier dieper op in.

ontspanning

Onder het conflict: de droom

Wanneer een conflict telkens terugkomt en blijft vastzitten, zit er bijna altijd iets dieper onder dan het oppervlakkige onderwerp. Een waarde, een geschiedenis, een diep verlangen, een oude pijn.

De ruzie over hoe vaak je de schoonfamilie bezoekt, gaat misschien onderliggend over verbondenheid versus autonomie. Of: De ruzie over geld gaat misschien over veiligheid versus vrijheid. En de ruzie over wie de afwas doet, gaat misschien over erkenning of gevoel van eerlijkheid.

Bij vastgelopen conflicten helpt het om de oppervlakte te verlaten en te onderzoeken: wat is hier voor jou de diepere droom of waarde? Concrete vragen daarbij:

  • Waar staat dit voor jou voor? Wat betekent het?
  • Heeft jouw standpunt te maken met je geschiedenis, met hoe je bent opgegroeid?
  • Welke waarden of overtuigingen liggen hieronder?
  • Als je een toverstok had en exact het ideaal kon scheppen, hoe zag dat er dan uit?

Dit gesprek is geen onderhandeling. Het doel is niet een oplossing. Het doel is dat je elkaar dieper leert kennen. Eén van jullie spreekt en vertelt; de ander luistert zoals een goede vriend zou luisteren, zonder oordeel, met aandacht. Daarna wisselen.

Veel diepe confliten werden minder scherp zodra beide partners de droom onder het standpunt begrijpen.

De bagel: kerngebied en flexibel gebied

Zodra je elkaars dieperliggende behoeften kent, kun je naar compromis bewegen. De Gottmans hebben hier een handige methode voor die zij de Bagel-methode noemen.

Teken twee cirkels: een kleine binnencirkel en een grotere buitencirkel eromheen.

  • In de binnencirkel zet je de dingen waarover je niet kunt onderhandelen op dit onderwerp. Je kernbehoeften, kernwaarden. Wat absoluut nodig is voor jou.
  • In de buitencirkel zet je je flexibele gebieden — alle aspecten waar je wél kunt geven, schikken, meebewegen, mits het kerngebied gerespecteerd wordt.

Beide partners doen dit. Daarna vergelijken jullie de twee bagels: waar overlappen jullie kernen? Waar zit speling? Wat kan partner A loslaten als partner B iets anders waarborgt?

Een belangrijk principe hierbij: wees geen rots. Als iemand geen flexiebel gebied heeft, wordt diegene een obstakel waar de ander uiteindelijk omheen gaat in plaats van mee samenwerkt. Partners die de meeste invloed hebben in een relatie, zijn juist degenen die zichzelf laten beïnvloeden. Yield to win.

Compromis voelt zelden perfect. Iedereen wint iets en verliest iets. Wat telt is dat beide kernen worden gerespecteerd.

Eerdere ruzies verwerken

Iedere relatie kent ruzies die niet goed verliepen. Waarbij dingen werden gezegd die pijn deden, waarbij iemand wegliep, of waarbij een onderwerp halverwege onder het tapijt verdween.

De grootste fout is om zulke incidenten onbesproken te laten. Een onverwerkt conflict werkt als een steentje in je schoen: het schuurt, en het volgende conflict begint al met opgehoopte ergernis.

Daarom hebben de Gottmans een methode ontwikkeld om eerdere ruzies te verwerken zonder er opnieuw ruzie over te krijgen. Belangrijk: dit doe je niet direct na de ruzie. Wacht tot beiden weer rustig zijn. Pas dán nodig je elkaar uit om “in het balkon” te gaan zitten. Je kijkt samen terug op het toneelstuk van wat er gebeurde, vanaf een afstandje.

De vijf stappen, kort:

  1. Gevoelens delen. Hoe voelde jij je tijdens die ruzie? (Niet waarom, alleen welke gevoelens.)
  2. Realiteiten uitwisselen. Vertel jouw beleving van wat er gebeurde, alsof je verslag uitbrengt. Niet “jij deed X met de bedoeling Y”, maar “ik zag X, ik dacht Y, ik voelde Z”. Vat daarna de versie van je partner samen en valideer.
  3. Triggers benoemen. Wat raakte er bij jou een gevoelige snaar? Vaak gaat een trigger terug op iets ouders — eerdere relaties, je jeugd, eerdere ervaringen. Vertel waar het vandaan komt, zodat je partner je beter leert kennen.
  4. Verantwoordelijkheid nemen. Wat was jouw aandeel? Wat zette jou op scherp die dag — stress, slecht geslapen, opgekropte irritatie? Bied een specifieke verontschuldiging aan voor wat je echt betreurt.
  5. Constructieve plannen maken. Eén ding dat je partner volgende keer anders kan doen. Eén ding dat jíj volgende keer anders gaat doen.

Twee realiteiten zijn altijd geldig. Er bestaat geen objectieve “waarheid” over wat er precies gebeurde. Beide belevingen mogen er zijn.

Het is nooit te laat om een ruzie te verwerken. Zelfs één van decennia geleden kan op deze manier alsnog uit de schoen worden gehaald.

?

Wat te doen als het structureel niet lukt

Soms loopt het vast, ondanks goede bedoelingen. Een paar signalen dat externe begeleiding zinvol is:

  • Dezelfde ruzie keert al jaren terug zonder enige beweging
  • Een of beide partners reageren structureel met minachting
  • Er is sprake van vermijding: jullie praten gewoon niet meer over de moeilijke onderwerpen
  • Er zit veel onverwerkte pijn uit het verleden tussen jullie in
  • Eén van beiden voelt zich chronisch niet gehoord of gewaardeerd

Eerlijk gezegd is het zonde om jaren in zo’n patroon te blijven hangen terwijl er beproefde methodes bestaan om eruit te komen. Een paar gesprekken met een goede coach of psycholoog kunnen vaak al veel ruimte scheppen.

Een belangrijke kanttekening: alles in dit blog gaat uit van twee partners die in essentie welwillend zijn naar elkaar. Bij fysieke, seksuele of emotionele mishandeling gelden deze methodes niet. Dat is geen conflict om constructief te voeren dat is een situatie om ondersteuning bij te zoeken en afstand te nemen.

Conflict als groeiplek

Conflict is niet het tegenovergestelde van een goede relatie. Een conflict is de plek waar de relatie zich kan verdiepen. Waar je elkaar beter leert kennen. Waar de basisbehoeften aan autonomie, competentie en verbondenheid opnieuw worden onderhandeld.

zelfdeterminatietheorie, dat de intrinsieke motivatie Welzijn en intrinsieke motivatie van mensen samenhangt met 3 factoren (psychologische basisbehoeften) : autonomie, competentie en saamhorigheid

De meeste mensen hebben nooit geleerd hoe ze constructief ruzie moeten maken. We nemen patronen mee uit ons ouderlijk gezin, uit eerdere relaties, uit een cultuur die conflict ofwel verheerlijkt ofwel taboeïseert. Dat patronen veranderen kost tijd en herhaling. Je hoeft je conflictstijl ook niet helemaal te veranderen — vermijders blijven enigszins vermijdend, vurige types blijven enigszins vurig. Maar je kunt wél in stapjes veranderen en leren. En dat is veel.

Begin klein. Probeer één keer een zachte opening. Of: Probeer één keer een pauze in plaats van doorpraten als je overspoeld raakt. Probeer één keer te valideren in plaats van te verdedigen. Een eerlijk “sorry, dat kwam scherper uit dan ik bedoelde” op het juiste moment kan een hele avond redden.


Ook uit elkaar gaan kan op een faire manier. Lees hier meer over hoe je op een constructieve manier uit elkaar kunt gaan.

Literatuur

Gottman, J. S., & Gottman, J. M. (2024). Fight Right: How Successful Couples Turn Conflict into Connection. Harmony.

Gottman, J. M., & Gottman, J. S. (2015). Gottman couple therapy. In A. S. Gurman, J. L. Lebow, & D. K. Snyder (Eds.), Clinical handbook of couple therapy (pp. 129–157). The Guilford Press.

Davidson, R. J. (2004). What does the prefrontal cortex “do” in affect: perspectives on frontal EEG asymmetry research. Biological Psychology, 67(1-2), 219-234.

Knee, C. R., Hadden, B. W., Porter, B., & Rodriguez, L. M. (2013). Self-determination theory and romantic relationship processes. Personality and Social Psychology Review, 17(4), 307-324.

Lachen is gezond

Dit blog is een aanvulling op mijn blog Humor als copingstrategie. Daar besprak ik humor vooral als geestelijke vaardigheid, als een manier om met stress, tegenslag en relaties om te gaan. In dit blog kijk ik naar de andere kant: wat er fysiek gebeurt in je lijf en je brein wanneer je lacht, en waarom lachen letterlijk gezond is.

Een complex neurologische proces

Lachen lijkt simpel. Iemand vertelt een grap, je schiet in de lach, klaar. Maar in die paar tellen voltrekt zich iets opmerkelijks: een complex neurologische proces waaraan vrijwel je hele brein meedoet.

maria trepp psycholoog

Een gewone emotie blijft beperkt tot enkele specifieke gebieden in het brein. Lachen is anders. EEG-onderzoek laat zien dat een grap binnen ongeveer een halve seconde een elektrisch circuit op gang brengt dat door talloze hersengebieden tegelijk loopt.

Dit verklaart ook waarom humor zo’n krachtige vorm van denken is. Zoals ik in mijn blog over humor als copingstrategie beschreef, doet een grap precies wat cognitieve gedragstherapie probeert te doen: een situatie van een andere kant bekijken. Alleen sneller en speelser.

Lachen tegenover vechten of vluchten

Onder stress schiet ons lichaam in de oude reflex van fight or flight. Stresshormonen als cortisol en adrenaline schieten omhoog, het hart bonkt, de spieren spannen aan, het denken vernauwt. Heel handig als je een tijger moet ontvluchten, minder handig als je in de file staat of een lastige e-mail moet beantwoorden.

Lachen werkt precies de andere kant op. Het onderdrukt cortisol en adrenaline. Het schakelt het stresssysteem terug. In neurologische zin is lachen een soort tegengif voor chronische stress.

Een centrale rol hierin speelt de nervus vagus, de “zwervende zenuw” die je hersenstam verbindt met je hart, longen en darmen. Deze zenuw is de hoofdader van het parasympatische zenuwstelsel, het rust-en-herstel-systeem. Wanneer je lacht, prikkel je deze zenuw. Het signaal aan je lichaam: je bent veilig, je mag ontspannen, je mag verteren, vannacht mag je goed slapen.

Dat is geen kleine zaak. Veel mensen die ik in mijn praktijk spreek leven chronisch in een lichte vorm van vecht-vluchtmodus, altijd alert, altijd “aan”. In mijn blog over stressmanagement door ademhaling beschrijf ik hoe je via ademhaling het parasympatische systeem aanzet. Lachen doet hetzelfde, maar dan via een heel andere route.

hersenen

Hormonen van geluk en verbinding

Lachen activeert ook de aanmaak van een paar bijzondere stoffen in het brein:

Dopamine: de neurotransmitter van plezier en motivatie. Geeft het lichte gevoel van genoegen, voldoening en levenslust.

Endorfines: lichaamseigen pijnstillers, verwant aan opiaten. Daarom voel je je na een goede lachbui ontspannen en soms zelfs licht euforisch. Endorfines verklaren ook waarom onderzoek consistent laat zien dat lachen pijn vermindert — niet als gevoel maar als meetbaar feit.

Oxytocine: het hormoon van binding en vertrouwen. Wordt afgegeven bij aanraking, intimiteit, en bij samen lachen. Het maakt dat je je verbonden voelt met de mensen om je heen.

Dit cocktail-effect verklaart waarom samen lachen zo’n krachtige sociale lijm is. Eén schaterende vergadering kan een team meer doen dan tien teambuildingsworkshops. Een gedeeld lachmoment met je partner ontspant een spannende avond. Lachen met je kind versterkt de band op een diepe, voortalige laag. Kinderen lachen al voordat ze kunnen praten!

samen verbondenheid

In neurowetenschappelijke termen: lachen synchroniseert de hersenen. Wanneer twee mensen samen lachen, raken hun zenuwstelsels even afgestemd op dezelfde frequentie. Dat is geen vage poëzie; het is meetbaar. Dit is een van de mooiste vormen van verbondenheid die we kennen, een van de drie psychologische basisbehoeften uit de zelfdeterminatietheorie.

Een lichamelijke ervaring

Lachen is intiem, en het is fysiek. Je trilt ervan. Het beweegt je hele lichaam, buikspieren, middenrif, schouders, gezicht. Je kunt niet lachen zonder dat je lichaam meedoet.

Daarmee staat lachen in een klein, kostbaar rijtje van ervaringen die de scheiding tussen geest en lichaam tijdelijk opheffen. Dansen hoort erbij. Zingen ook. Vrijen. Diep huilen. Bewegen in de natuur. Het zijn momenten waarop je niet alleen denkt dat je leeft, maar het ook door en door voelt.

Misschien is dit ook waarom lachen zo verkwikkend is na een periode van piekeren. Wie veel piekert, zit “in zijn hoofd”, is losgeraakt van het lichaam, vastgezet in een vernauwd circuit. Lachen breekt dat circuit open. Het haalt je terug naar het hier en nu, naar het lijf. Voor wie veel piekert, kan dit een nuttige observatie zijn, naast wat ik beschrijf in mijn blog over minder piekeren.

De fysieke voordelen op een rij

Wat doet lachen verder voor het lichaam? Onderzoek koppelt regelmatig lachen aan:

  • Betere doorbloeding. De bloedvaten verwijden zich. Onderzoek laat zien dat lachen de stijfheid van de slagaderwanden vermindert, een belangrijke factor in hart- en vaatziekten.
  • Spierontspanning. Na een lachbui zijn je spieren tot wel 45 minuten meer ontspannen.
  • Een sterker immuunsysteem. Lachen verhoogt de activiteit van natural killer cells en versterkt de antilichaamrespons.
  • Pijnvermindering. Via de endorfines, maar ook door afleiding van het pijnsignaal.
  • Betere spijsvertering. Via de nervus vagus krijgt het verteringssysteem het sein dat het veilig is om aan het werk te gaan.
  • Beter slapen. Diezelfde nervus vagus brengt het zenuwstelsel ’s avonds tot rust.

Lachen leren

Het mooie is: je kunt lachen cultiveren, zelfs als het er door omstandigheden bij is ingeschoten. Een paar concrete dingen die helpen:

Omring je met mensen die lachen. Lachen is besmettelijk. De neuronen die bij lachen betrokken zijn vuren ook wanneer je iemand anders ziet lachen. In welk gezelschap je leeft, vormt hoeveel je lacht.

Kijk en lees grappige dingen. Tien minuten goede stand-up, een column die je laat schateren, een grappige podcast, het zijn kleine investeringen met grote opbrengst. In stressvolle periodes is dit geen luxe, het is medicijn.

Speel met kinderen. Of met huisdieren. Of met vrienden. Spel en lach zijn nauw met elkaar verbonden. Wie meer wil spelen, lacht vanzelf meer.

Lach met jezelf, niet om jezelf. Het verschil zit in mildheid. Lachen om je eigen onhandigheid op een liefdevolle manier hoort bij zelfcompassie. Jezelf vernederen voor het amusement van anderen niet.

zelfcompassie

Beweeg. Bewegen, dansen, gek doen, alles wat je lijf in beweging zet, maakt lachen makkelijker.

Glimlach bewust. Onderzoek naar de zogeheten facial feedback hypothesis suggereert dat zelfs een bewust opgezette glimlach een licht positief effect heeft op je stemming. Niet als wondermiddel, maar als klein duwtje in de goede richting.

Een waarschuwing tegen verkrampte vrolijkheid

Tot slot een belangrijke kanttekening. Lachen is geen plicht. Geforceerd vrolijk doen (toxic positivity) kan juist een vorm van vermijding worden. Wie zijn verdriet of zijn boosheid alleen maar weglacht, verwerkt niets. Dan wordt humor een dekmantel, geen verwerking. Mijn blog Verdriet, angst, boosheid: van klacht naar kracht gaat hier verder op in: emoties dragen informatie, en die wegduwen werkt op termijn niet.

De gezonde vorm van lachen is de lach die naast je serieuze gevoelens mag bestaan. Niet erin plaats van. Je mag verdrietig zijn en tegelijk schateren om iets absurds in de situatie. Je mag boos zijn en tegelijk de ironie ervan zien. Dat is juist geestelijke beweeglijkheid. Dat is, om met de Amerikaanse psychiater George Vaillant te spreken, een van de meest volwassen vormen waarop het menselijk brein met zijn eigen pijn omgaat.

Mentale weerbaarheid

Mentale weerbaarheid en gezondheid welbevinden wandelcoach Den Haag cognitieve, emotionele en sociale vaardigheden die iemand in staat stellen een zinvol, lerend en productief leven te leiden en succesvol verschillende sociale rollen en functies te vervullen gedurende de verschillende stadia in diens levensloop

Lachen is een diep verankerde biologische en sociale praktijk die je hart, je brein, je immuunsysteem, je relaties én je mentale weerbaarheid versterkt. Het kost niets, vraagt geen techniek, en het werkt binnen seconden.

In mijn coaching merk ik vaak dat mensen die in een moeilijke periode zitten, het lachen tijdelijk zijn kwijtgeraakt. Het terugvinden van die lach is een van de beste signalen dat zich iemand weer losser voelt en meer grip heeft op het leven.

Lachen is, met andere woorden, een vorm van veerkracht die in je lichaam is ingebouwd.

waaiboom een beeld voor weerbaarheid en resilience Coach en psycholoog Den Haag
waaiboom, een beeld voor weerbaarheid en resilience

Meer lezen

https://www.coach-psycholoog-denhaag.nl/de-paradox-mindset-leven-met-onzekerheid

Literatuur en bronnen

Carr, J. (2024). You Gotta Laugh. Substack essay. https://officialjimmycarr.substack.com/p/you-gotta-laugh

Derks, P., Gillikin, L. S., Bartolome-Rull, D. S., & Bogart, E. H. (1997). Laughter and electroencephalographic activity. Humor: International Journal of Humor Research, 10(3), 285-300.

Pierce, J. E., & Péron, J. (2020). Motor and limbic system contribution to emotional laughter across the lifespan. Cerebral Cortex, 30(5), 3381-3391.

Wagner Cook, S., & Goldin-Meadow, S. (2024). Recent research on laughter and the immune system, vagal tone, and cardiovascular health (overzichten).

Martin, R. A., & Ford, T. E. (2018). The psychology of humor: An integrative approach (2nd ed.). Academic Press.

Vaillant, G. E. (2000). Adaptive mental mechanisms: Their role in a positive psychology. American Psychologist, 55(1), 89–98.