Emoties als sociale informatie

We denken bij emoties vaak aan iets wat zich binnen in ons afspeelt: een gevoel dat we subjectief ervaren, onderzoeken en reguleren. Maar emoties spelen zich ook tussen mensen af. De zucht van je partner, de teleurstelling van een collega, de tranen van een kind, de glimlach van een vriend: dit is sociale informatie, signalen die anderen aflezen en waar ze op reageren. Emoties sturen zo, vaak ongemerkt, onze relaties, conflicten en samenwerking.

De sociaalpsycholoog Gerben van Kleef onderzoekt al jaren dit sociale gezicht van emoties en vatte zijn bevindingen samen in het EASI-model (Emotions as Social Information): het idee dat onze emoties voor anderen een bron van informatie zijn. Waar het blog over emotionele flexibiliteit gaat over hoe je van binnenuit met je eigen emoties omgaat, gaat dit artikel over de andere kant van het gevoelsleven: wat jouw emoties bij anderen teweegbrengen, en wat die van anderen bij jou.

Emoties zijn een sociale taal

Lang werd het gevoel gezien als de tegenpool van het verstand, als iets primitiefs dat het heldere denken in de weg zit. De moderne psychologie kijkt daar anders naar. Emoties zijn functioneel: ze bereiden ons voor op passende actie en helpen ons om soepel door het sociale leven te navigeren. En ze doen dat niet alleen voor onszelf, maar ook voor de mensen om ons heen.

Want elke emotie draagt een boodschap. Boosheid signaleert een misstand die rechtgezet moet worden. Angst wijst op gevaar en waarschuwt anderen. Verdriet is een roep om steun en troost. Blijdschap communiceert goede bedoelingen en nodigt uit tot samenwerking. Schuld laat zien dat iemand betrokken is en het beter wil doen. In die zin is emotie een vrijwel universele taal: er bestaan accenten en dialecten, maar grofweg geven emoties wereldwijd dezelfde informatie. Zonder die emotie-taal zouden we nauwelijks weten wat anderen beweegt, wat ze van ons willen en wat we van hen kunnen verwachten.

Emotionele besmetting: gevoelens zijn aanstekelijk

De meest directe manier waarop emoties zich tussen mensen verplaatsen, is via emotionele besmetting. We hebben de neiging om de gezichtsuitdrukkingen, houdingen en stemgeluiden van anderen onbewust te imiteren. Denk aan hoe geeuwen aanstekelijk is, of hoe een glimlach vanzelf een glimlach uitlokt. Door die spiegeling nemen we elkaars stemming over, deels via wat spiegelneuronen worden genoemd: het zien van andermans vreugde, pijn of walging activeert in ons brein deels dezelfde gebieden als wanneer we die emotie zelf voelen.

Dat klinkt als een kwetsbaarheid, maar het is vooral nuttig: door mee te voelen begrijpen we elkaar beter. Onderzoek laat zien dat partners die elkaars emoties sterk overnemen, meer tevreden zijn over hun relatie. Deze emotionele gelijkheid voorspelt zelfs of een relatie standhoudt. Stellen die jarenlang elkaars gezichtsuitdrukkingen spiegelen, gaan op den duur zelfs uiterlijk meer op elkaar lijken. Ook in vriendschappen en werkteams werkt het zo: groepen nemen de stemming van een enkeling over, en gedeelde positieve emoties bevorderen samenwerking en verminderen conflict. Het sluit aan op wat ik beschrijf in Betere relaties en op verbondenheid als psychologische basisbehoefte.

Twee routes: hoe een emotie de ander beïnvloedt

De kern van het EASI-model is dat de emotie van de één het gedrag van de ander op twee manieren kan sturen. De eerste is de affectieve route: je raakt aangestoken door de emotie van de ander, of de emotie kleurt hoe sympathiek je hem of haar vindt. Dit gebeurt vooral op de automatische piloot, vanuit je onderbuik. De tweede is de inferentiële route: je leidt uit de emotie van de ander iets af over de situatie en zijn bedoelingen. De boosheid van je collega vertelt je bijvoorbeeld dat hij een grens getrokken heeft, zoals zijn teleurstelling dat je een afspraak niet bent nagekomen.

Welke route de overhand krijgt, hangt van twee dingen af. Ten eerste van hoe zorgvuldig je nadenkt: heb je tijd, aandacht en motivatie om de emotie te duiden, dan domineert de redenerende, inferentiele route. Sta je onder druk of denk je oppervlakkig na, dan reageer je eerder vanuit je gevoel, dus met de affectieve route. Ten tweede hangt de route af van de gepastheid van de emotie: vind je de emotie van de ander terecht, dan ga je nadenken over wat hij betekent. Vind je de emotie van de ander ongepast, dan reageer je geïrriteerd en gesloten. Met die twee factoren (verwerkingsdiepte en gepastheid) laat zich verrassend goed voorspellen hoe mensen reageren op elkaars emoties, of het nu gaat om een relatie, de opvoeding, een onderhandeling of de politiek.

Emoties in conflict, onderhandeling en leiderschap

Dit verklaart waarom dezelfde emotie de ene keer werkt en de andere keer averechts uitpakt. Neem boosheid in een onderhandeling. Boosheid geeft een signaal van vastberadenheid: “Ik meen het, en ik ga ver”. Vindt de ander die boosheid begrijpelijk, dan is hij geneigd toe te geven. Maar vindt hij de boosheid onterecht, dan wordt hij juist koppig en geeft hij minder toe dan bij een neutrale tegenstander. Hetzelfde patroon zie je bij leiderschap en zelfs in de politiek: een boze politicus komt al snel over als sterk en competent, een verdrietige als iemand die het niet meer weet. Maar of dat aanslaat, hangt opnieuw af van of het publiek de emotie gepast vindt.

In nauwe relaties ligt dat extra gevoelig. Wie van mensen houdt die op harmonie gesteld zijn, reageert juist allergisch op boosheid die als onterecht wordt ervaren. Daarom werkt in conflicten met je partner of vrienden niet de kracht van je emotie, maar de afstemming: erkennen wat de ander voelt, je eigen gevoel passend uiten, en daarna repareren. Daar gaan Constructieve relatieconflicten en Respectvol uit elkaar gaan over.

Wanneer het misgaat: emoties verbergen of overdrijven

Omdat emoties informatie zijn, ontstaat er een probleem zodra die informatie ontbreekt of niet klopt. Wie zijn emoties opkropt, houdt onbedoeld belangrijke informatie achter. Laat je je verdriet over een verlies niet zien, dan zal niemand je troosten; uit je je boosheid over een onrechtvaardige beslissing niet, dan is de kans klein dat die wordt bijgesteld. Emoties kunnen anderen pas iets vertellen als je ze laat zien. En dat geldt evengoed voor het enthousiasme waarmee je mensen voor je zaak wilt winnen.

Tegelijk is volledige ongeremdheid net zo onhandig. Wie bij elke kleinigheid uitbarst, wordt niet meer serieus genomen; de heftigheid van je reactie moet passen bij de situatie. Vooral onder stress schieten mensen daarin uit, met sociale schade tot gevolg. Een woedeuitbarsting omdat iemand per ongeluk op je tenen stapt, wekt weinig welwillendheid, terwijl een korte verstoorde blik tot excuses zou leiden. Het vermogen om je emoties passend te uiten én die van anderen goed te lezen, komt ook terug in Feedback geven en ontvangen en in Goed reageren op kwetsende opmerkingen.

Eigen regie in je relaties

Wat levert dit inzicht je op? Vooral bewustzijn, en daarmee keuze. Als je beseft dat emoties sociale informatie zijn, ga je drie dingen anders doen:

  • Je leest de emoties van anderen bewuster, en vraagt je af wat er werkelijk achter zit in plaats van meteen vanuit je onderbuik te reageren.
  • Je realiseert je dat je eigen emoties anderen beinvloeden en aanstekelijk zijn, of je nu wilt of niet.
  • En je kunt je gevoelens bewuster en passend inzetten in plaats van je erdoor te laten meeslepen.

Dat is geen manipulatie, maar eerlijke, afgestemde communicatie, en het is een vorm van agency, of eigen regie, op het sociale vlak. Net zoals je bij jezelf ruimte kunt scheppen tussen prikkel en reactie, kun je dat ook tussen de emotie van een ander en jouw antwoord. Hoe dit samenhangt met het grotere geheel van emoties begrijpen en reguleren lees je in het overzichtsartikel emotiekennis en emotieregulatie, en hoe het past in een leven waarin je zelf aan het roer staat op de pagina over agency en eigen regie en in het artikel over autonomie.

Het geeeft rust om emoties, die van jezelf én die van de ander, te leren lezen als informatie in plaats van als bevel. Het maakt relaties helderder en geeft je ruimte om te kiezen hoe je reageert.

Literatuur

  • Van Kleef, G. A. (2012). Op het gevoel: hoe we elkaar beïnvloeden met onze emoties. Amsterdam: Atlas.
  • Van Kleef, G. A. (2009). How emotions regulate social life: The emotions as social information (EASI) model. Current Directions in Psychological Science, 18(3), 184–188.
  • Hatfield, E., Cacioppo, J. T., & Rapson, R. L. (1994). Emotional Contagion. Cambridge University Press.

Overtuigen, niet manipuleren

Mensen willen elkaar beïnvloeden. Bijvoorbeeld om samen te werken, of om geld, status en macht te verwerven.
Overtuigen en manipuleren zijn hierbij twee basis-typen van beinvloeding die elkaar niet gelijkwaardig tegenover staan.

Voor de mentale gezondheid en een gezonde samenleving is overtuigen heel waardevol. Manipulatie daarentegen niet.

overtuigen

Ik probeer hier vanuit de humanistische zelfdeterminatietheorie aan te geven op welke manier je het verschil tussen overtuigen en manipuleren kunt beoordelen.

De zelfdeterminatietheorie (psychologische basisbehoeften) verklaart hoe je het welzijn van mensen kunt ondersteunen. Mensen kunnen zich namelijk het best ontwikkelen en zijn mentaal weerbaar en sociaal tevreden als aan drie voorwaarden wordt voldaan:

intrinsieke motivatie overtuigen

Op mijn website staan veel blogartikelen die verschillende aspecten van de zelfdeterminatietheorie uitleggen. De zelfdeterminatietheorie ondersteunt de psychologische behoeften van mensen en de intrinsieke, zelfgestuurde motivatie .

Waarom is overtuigen beter dan manipuleren?

Voor de onderbouwing en beoordeling waarom overtuigen zo veel beter is dan manipuleren kan ons de zelfdeterminatietheorie helpen.

De mentale gezondheid van mensen gaat vooruit, als mensen autonomie hebben, dus over zichzelf en hun acties zelf mogen beslissen.

Autonomie: overtuigen beter dan manipuleren

autonomie

Autonomie van mensen kan men het beste ondersteunen door de volgende acties:

* Het perspectief van de ander innemen (emotie, empathie). Dit betekent dat men probeert te begrijpen wat de ander denkt, voelt en wil, en daar respectvol mee omgaat. Dit vergroot het vertrouwen en de verbondenheid tussen mensen.

* Onderbouwde uitleg geven (overtuigen). Dit betekent dat men duidelijk maakt waarom een bepaalde taak of activiteit belangrijk of zinvol is. Ook wordt uitgelegd hoe de taak bijdraagt aan een hoger doel of een gemeenschappelijk belang. Een dergelijke uitleg vergroot het gevoel van betrokkenheid en zingeving bij de ander.

* Vriendelijk formuleren. Dit betekent dat men positieve, ondersteunende en bemoedigende woorden gebruikt in plaats van dwingende, controlerende taal. 

* Geduld tonen: dit betekent dat men de tijd neemt om naar de ander te luisteren. Men stellt vragen, zonder te haasten, te onderbreken of te oordelen. Dit vergroot het gevoel van ruimte en veiligheid bij de persoon.

* Negatieve emoties of twijfels toestaan: Dit vergroot het gevoel van authenticiteit en acceptatie bij de ander.

Autonomie: samenvatting

Uit deze aanbevelingen blijkt al heel duidelijk dat je de autonomie van een ander het beste ondersteund met overtuigen, en niet met manipulatie. Een belangrijk middel van manipulatie is namelijk, om mensen geen tijd te geven. Manipulatie werkt met simpele triggers: je moet vooral snel toehappen op een aanbieding. Wie manipuleert geeft de ander niet graag de ruimte om goed na te denken en af te wegen. Manipulatie werkt met het activeren van ons automatisch en snel denk systeem.
Lees hier meer over snel/automatisch denken en wat de beroemde psycholoog Kahneman over snel versus langzaam denken zei.

Voorbeelden
Een voorbeeld van een overtuigende manier van beinvloeding is, dat een krant je aanbiedt, dat je een week de krant gratis of heel goedkoop mag lezen voordat je een abonnement neemt. De krant probeert jou te overtuigen van de kwaliteit en geeft je de tijd om alles goed ddor te nemen en af te wegen.
Manipulatie zou daarentegen zijn dat een website je een secondewijzer laat zien en aftelt, zodat je snel moet bestellen anders vervalt de aanbieding. Daarmee wordt je autonomie aangetast: je krijgt geen tijd om te denken en af te wegen.

Competentie: overtuigen beter dan manipuleren

competentie

Je overtuigt een ander heel goed door je argumenten goed te onderbouwen en de ander zelfs ook nog wat te laten leren. Als je een product wilt verkopen, kan je als bedrijf bijvoorbeeld goede verlichting geven, die aansluit bij de tests van de consumentenbond. De consumentenbond leert mensen iets over de verschillende aspecten van een product, de samenstelling, hoe duurzaam het product is, wat de verborgen onderhoudskosten zijn enz. Een bedrijf dat een product verkoopt dat goed scoort bij de consumentenbond kan dus met deze informatie de klanten “opvoeden”.
Manipulatie daarentegen zou zijn als een bedrijf liegt en niet bestaande tests aanhaalt of zelf willekeurige schijntests uitvoert die het eigen product bevoordelen.
Algemeen kan je stellen, dat het liegen of niet erkennen van feiten altijd manipulatie is. Met “feiten” wordt hier dan bedoeld dat experts en erkende wetenschappers het bijna allemaal eens zijn wat wel of niet een bepaald feit is.

Sociale verbondenheid

verbondenheid

Sociale verbinding is heel belangrijk voor fysieke en mentale gezondheid. En met technieken van overtuiging kan je de sociale samenhang versterken. Een bedrijf kan bijvoorbeeld vertellen, dat het heel belangrijk is om elkaar te kennen, in de straat en in de wijk. In dat verband kan een bedrijf bijvoorbeeld bloembollen goedkoop of deels gratis weggeven als een straat samenwerkt om geveltuinen aan te leggen.

Manipulatie tast de sociale verbinding juist aan. Manipulatie werkt graag met angst en het aanwakkeren van tegenstellingen. Dit is een bekend fenomeen in de politiek en in de online wereld.

Intrinsieke en extrinsieke motivatie

Mensen, die de intrinsieke motivatie van anderen willen ondersteunen, kiezen voor overtuigen.

Intrinsieke motivatie is de liefde voor de taak zelf – iets doen omdat het interessant, plezierig, bevredigend, boeiend of persoonlijk uitdagend is. Intrinsieke motivatoren zijn hierbij interesse, plezier, of de tevredenheid en de uitdaging van het werk zelf. Men heeft dan geen ander doel voor ogen dan de taak, en men hoeft deze taak ook niet per se goed uit te voeren. De voldoening ligt in het gedrag zelf.

Extrinsieke motivatie is het domein van de manipulatie. Extrinsieke motivatie is het werken en leren voor beloning, bevestiging, cijfers, geld, macht en status. De manipulator is uit op een van deze doelen: geld, macht of status.

Het continuum tussen overtuigen en manipuleren

In de praktijk is er geen zwart-witte tegenstelling tussen overtuigen en manipulatie. Er is een continuum tussen deze beide manieren van beinvloeden. Met de criteria autonomie, competentie en verbondenheid kan je proberen vast te stellen, waar op het continuum tussen overtuigen en manipuleren zich een bepaalde manier van beinvloeden bevindt.

Literatuur

Cialdini, Robert B. Influence, New and Expanded: The Psychology of Persuasion. 1984, 1994, 2007, 2021. (Nederlands: Invloedde zes geheimen van het overtuigen).

Ryan, R., & Deci, E. (2017). Self-determination theory : Basic psychological needs in motivation, development, and wellness.

Ryan, R. (2019). The Oxford handbook of human motivation (Second ed., Oxford handbooks online).

Online manipulatie

Wie zich interesseert voor de mechanismes van online manipulatie, moet zich in het boek van Sander van der Linden “Immuun voor Nepnieuws” (2023) verdiepen.

polarisatie triggers samenzwering impersonatie trollen diskrediet

Van der Linden heeft onderzoek gedaan naar de onderliggende strategieën die ten grondslag liggen aan het ontstaan en de verspreiding van bijna alle vormen van nepnieuws. In zijn onderzoek heeft hij een indeling ontwikkeld die bekend staat als de ‘Six Degrees of Manipulation’ (Zes niveaus van manipulatie). Hij beschrijft de technieken identificeert die worden gebruikt om de publieke opinie te misleiden en te beïnvloeden.

Zes niveaus van manipulatie:

1. Polarisatie: het opzettelijk verdelen van groepen binnen de samenleving, het versterken van het ‘wij tegen zij’-denken. Het doel is het vertrouwen, medegevoel en solidariteit te verzwakken.

2. Emotionele triggers: het inspelen op angst, woede of verontwaardiging impulsieve reacties uit te lokken.

3. Samenzweringsverhalen: het verspreiden van uitgebreide “theorieën” die wijzen op verborgen complotten of geheime agenda’s. Het doel hierbij is om het vertrouwen in democratische instellingen te ondermijnen.

4. Impersonatie: het presenteren van valse identiteiten, zoals nepdeskundigen, of vervalste officiële organisaties, om misinformatie geloofwaardig te maken.

5. Trollen: opzettelijk provoceren, lastigvallen of online gesprekken ontsporen om verwarring te zaaien, vijandigheid te kweken.

6. In diskrediet brengen: legitieme informatiebronnen (journalisten, wetenschappers), aanvallen. Het doel is dat mensen waarheid niet meer van leugens kunnen onderscheiden.

Literatuur:

Van der Linden, S. (2023). Foolproof: Why misinformation infects our minds and how to build immunity. WW Norton & Company. Nederlandse titel: “Immuun voor nepnieuws”

Betere relaties

Relaties en psychologische behoeften

intrinsieke motivatie
zelfdeterminatietheorie

Voor betere relaties (met een partner, met familie, vrienden, buren en op het werk) kunnen we het beste steunen op de informatie uit goed onderbouwde motivatietheorieen.

De zelfdeterminatietheorie of zelfbeschikkingstheorie (SDT) is een psychologische theorie die verklaart hoe menselijke motivatie en welzijn worden beïnvloed door de sociale omgeving. Belangrijk hierbij is de vervulling van drie psychologische basisbehoeften: autonomie, competentie en verbondenheid. Volgens SDT verwijst autonomie naar het gevoel van vrije wil en keuze in iemands handelen, competentie naar het gevoel van effectiviteit en beheersing in iemands activiteiten, naar Saamhorigheid verwijst naar het gevoel van verbondenheid met anderen.

betere relaties zelfdeterminatietheorie motivatie welzijn basisbehoeften autonomie competentie verbondenheid mentale weerbaarheid

De zelfdeterminatietheorie helpt, om romantische en ook andere relaties te begrijpen en te verbeteren. SDT stelt hierbij dat relaties de mentale weerbaarheid en het welzijn van de betrokkenen kunnen ondersteunen of ondermijnen.

Psychologische basisbehoeften in relaties

Een sleutelbegrip in SDT is de rol van psychologische basisbehoeften.

De zelfdeterminatietheorie
psychologische basisbehoeften SDT

De zelfdeterminatietheorie stelt dat relaties voor beide partners de behoeften aan autonomie, bekwaamheid en verbinding kunnen vervullen of frustreren. Behoeftevervulling treedt op wanneer partners elkaars keuzes en voorkeuren steunen (autonomie), elkaars capaciteiten en inspanningen erkennen en waarderen (competentie), en zorg en genegenheid voor elkaar tonen (verbondenheid). Aan de andere kant treedt behoefte-frustratie op wanneer partners elkaars acties controleren of dwingen (minder autonomie), elkaars vaardigheden en prestaties bekritiseren of ondermijnen (minder competentie), of elkaars gevoelens en behoeften verwaarlozen of afwijzen (minder verbondenheid).

Respecteer de autonomie van de ander- net als je eigen autonomiebehoefte

Een goede relatie vraagt erom dat je voortdurend goed erop let de autonomie van een ander ruimte te geven. Evenzo belangrijk is het, dat je om ruimte voor je eigen autonomie vraagt. Heel concreet kan je het volgende doen:

vriendelijkheid relaties


*Keuzevrijheid geven/vragen bij de uitvoering van huishoudelijke of andere taken

*Het perspectief van de ander innemen (en ook hierom durven te vragen)

*Onderbouwde uitleg geven/vragen voor wensen

*Vriendelijk formuleren

*Geduld tonen/vragen

*Negatieve emoties toestaan/begrip hiervoor vragen

*Feedback vragen

Competentie bij een ander kan je op de volgende manier aanmoedigen (en voor je zelf hierom vragen):

psycholoog wandelcoach Den Haag genschappen methode tools en technieken gesprek analytische vaardigheden oplossingsgericht positieve psychologie gedrag
kleine stappen

*Kleine stappen aanmoedigen en ondersteuen als iemand iets nog moet leren (of het nou koken is of reparatie of naaien, maakt niet uit)

*Constructief feedback geven en vragen

*Hoge tolerantie voor fouten tonen en vragen

Verbondenheid kan op de volgende manier worden ondersteund:

aandacht geven verbondenheid
aandacht geven

*Veel aandacht geven (en ook durven te vragen)!

*Responsiviteit: begrip, erkenning, zorgzaamheid tonen en vragen: de relatie gaat altijd voor sociale media etc.

*Vriendelijke verhoudingen: toon en houding bewust warm en vriendelijk maken

*Ondersteuning en samenwerking: bewust hulp en steun bieden.

Iedereen overschat zijn eigen vriendelijkheid: negativiteitsbias

Mensen zijn over het algemeen niet vriendelijk genoeg, om relaties optimaal te laten groeien. Achteloosheid, zorgen of veelvuldige aandachtseisen maken, dat wij niet zo aardig tegen elkaar zijn als we zouden kunnen. (Ik heb het nu hier niet over conflicten).

Mensen hebben een aangeboren tendens, om dingen en andere mensen kritisch te zien en negatieve aspecten uit te vergroten: de negativiteitsbias. Voor goede relaties is het zeer belangrijk, dat we deze negativiteitsbias (een systematische denkfout) kennen en actief bijsturen. Het is hierbij niet genoeg om de negativiteitsbias alleen uit te balanceren: nee, het is noodzakelijk om actief vriendelijk en positief te zijn:

De onderzoekers John and Julie Gottman onderzochten over decennia de communicatie in gelukkige en ongelukkige stellen. In gelukkige relaties maakten partners 5 keer zo vaak een positieve opmerking als een negatieve.

5 keer!

Twee dingen kunnen we hiervan leren, ook voor alle andere relaties:

Ten eerste: probeer veel leuke en aardige dingen te zeggen en te doen en veel aandacht te geven. Ten tweede: je mag best een keer ook kritisch zijn. Als je dit op een goede manier uitlegt (met aandacht voor autonomie, competentie en verbondenheid, zie boven) en de kritiek omgeven wordt door een vriendelijke, solide relatie, kan dit heel goed.

En als het niet lukt?

vriendelijkheid relatie

Vriendelijkheid is niet moeilijk. Het gaat om kleine dingen: glimlachen, danken, interesse tonen, lachen, een grapje maken, soms een cadeautje, soms een verrassing…het gaat vooral om aandacht. Maar wat als je merkt dat je niet vriendelijk kunt of wilt zijn, of als de ander op jouw vriendelijkheid niet met aandacht en vriendelijkheid reageert? Dan kan het zijn dat je op de korte en zeker op de lange termijn in een conflict over loyaliteit en commitment belandt. Denk hierover na, bespreek het met een vertrouwde vriend of zoek een coach. Het beste is het om een sluimerend loyaliteitsconflict, dat uit onvoldoende aardigheid of te weinig aandacht blijkt proactief onder ogen te zien.

Waarschuwingstekens

De vervulling van psychologische basisbehoeften is noodzakelijk voor mentale en fysieke gezondheid. Omgekeerd is het een waarschuwingsteken als de psychologische basisbehoeften niet worden vervuld. Dit is het geval in misbruiksrelaties. Fysiek, seksueel en emotioneel misbruik is geen pijn om te verdragen, maar een signaal om onmiddelijk ondersteuning te zoeken en een stap terug te doen!

Een constructief gesprek

Constructieve gesprekken hebben een aantal belangrijke kenmerken:

  • een vriendelijke en ontspannen lichaamshouding bij degene, die spreekt.
  • concentratie op observeerbare feiten in plaats van persoonlijkheid. Dus “Jouw sokken liggen op de grond” ipv “Jij bent altijd zo slordig”
  • en positieve wens in concrete kleine stappen ipv verwijten (“Kunnen we 5 minuten lang samen de kamer opruimen?”).

Ontspanning en emotieregulatie

Persoonlijke gesprekken, waar wij sterk betrokken raken, zijn moeilijk als controversiele onderwerpen of meningsverschillen op tafel komen. Hartslag en bloeddruk gaan bij de partners omhoog. Voor een goede relatie zijn verdiepende gesprekken essentieel. Hierbij is het zeer belangrijk om te leren lichamelijke reacties te monitoren en ontspanningstechnieken te kennen en te beheersen. Als de hartslag te hoog oploopt is het goed en zelfs noodzakelijk om even te pauseren en ademoefeningen te doen.

Meer lezen:

Constructieve relatieconflicten

Literatuur

Gottman, J. M., & Gottman, J. S. (2015). Gottman couple therapy. In A. S. Gurman, J. L. Lebow, & D. K. Snyder (Eds.), Clinical handbook of couple therapy (pp. 129–157). The Guilford Press.

Knee, C. R., Hadden, B. W., Porter, B., & Rodriguez, L. M. (2013). Self-determination theory and romantic relationship processes. Personality and Social Psychology Review17(4), 307-324.

Weerstand tegen online-manipulatie

De voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, verklaarde recentelijk dat “misinformatie en desinformatie” grotere bedreigingen vormen voor het mondiale bedrijfsleven dan oorlog en klimaatverandering.

Veel mensen maken zich zorgen over de manipulatieve technieken van de grote social mediaplatforms, die doelgericht aandacht trekken om geld te verdienen. Zo wakkeren online media vaak met triggerende berichten emotie en sensatie aan: online-manipulatie.

online-manipulatie weerbaarheid

Podcast

Lees verder “Weerstand tegen online-manipulatie”

Goed reageren op kwetsende opmerkingen

We hebben allemaal te maken met onvriendelijke of kwetsende opmerkingen van anderen. Dit zijn opmerkingen die onschuldig of onbedoeld lijken, maar pijn of verdriet kunnen veroorzaken bij degene die ze hoort. Vaak gaan dergelijke opmerkingen verkleed als onschuldige observatie. Maar onuitgesproken is er een negatieve betekenis of negatief oordeel:

Micro-agressies

microagressies
microagressies

Dit zijn subtiele of indirecte uitingen van vooroordelen of discriminatie van een gemarginaliseerde groep, zoals gekleurde mensen, LGBTQ+ mensen, vrouwen, mensen met een handicap, enz. Bijvoorbeeld, zeggen “Je spreekt heel goed Nederlands” tegen iemand die geen moedertaalspreker is, of vragen “Waar kom je eigenlijk vandaan?” tegen iemand die burger is van het land waar hij of zij woont. Deze opmerkingen impliceren dat de persoon niet volledig wordt geaccepteerd of gerespecteerd als lid van de samenleving.

Lees verder “Goed reageren op kwetsende opmerkingen”

Feedback geven en ontvangen

Feedback geven en ontvangen is een moeilijke kunst.

Commentaar leveren ten opzichte van een medewerker of een ondergeschikte kan op verschillende manieren misgaan. De feedback kan worden opgevat als straf, als bedreiging of als niet passend in een bepaalde situatie of in een bepaalde relatie.

intrinsieke motivatie

Het beste uitgangspunt voor een constructief commentaar is in de zelfdeterminatietheorie te vinden, de beste hedendaagse motivatietheorie. Volgens de zelfdeterminatietheorie moet de intrinsieke motivatie van mensen worden ondersteund. Dit gebeurt als de menselijk basisbehoeften worden erkend: autonomie, competentie en verbondenheid.

(Deze tekst gaat niet of in mindere mate over het formeel beoordelen van medewerkers of studenten volgens gegeven criteria.)

Lees verder “Feedback geven en ontvangen”

Constructieve relatieconflicten

Dit blog is een uitweiding van het blog Betere relaties. Daar liet ik zien hoe relaties bloeien als we elkaars psychologische basisbehoeften aan autonomie, competentie en verbondenheid ondersteunen. Maar wat doe je als het schuurt? Hieronder ga ik in op de vraag hoe je conflicten constructief voert.

conflict

Conflict hoort erbij en is zelfs nodig

We zijn geneigd om weinig conflict gelijk te stellen aan een goede relatie. Dat klopt niet. De afwezigheid van conflict zegt niets over de kwaliteit van een relatie. Weinig ruzie is soms zelfs een teken dat partners elkaar uit de weg gaan, dingen oppotten, of zichzelf wegcijferen.

Conflict is in essentie verbinding. Het is de manier waarop we ontdekken wie we zijn, wat we willen, wie onze partner is en wat hij of zij wil. Conflict wil verschillen overbruggen en legt ook de gemeenschappelijke grond bloot.

De onderzoekers John en Julie Gottman hebben tientallen jaren stellen geobserveerd in hun zogenoemde “Love Lab”. Wat hen opviel: niet de aanwezigheid van conflict voorspelt of een relatie standhoudt, maar de manier waarop er geruzied wordt. Stellen die op een bepaalde manier botsten, gingen gemiddeld vijf jaar na hun huwelijk uit elkaar. Stellen met andere conflictpatronen bleven daarentegen samen en groeiden door hun conflicten zelfs naar elkaar toe.

In dit blog deel ik de belangrijkste inzichten uit hun werk over hoe je een conflict zó voert, dat het je relatie versterkt in plaats van uitholt.

niet oplosbaar

De meeste conflicten zijn niet oplosbaar, en dat is oké

Een belangrijke nuance vooraf: ongeveer 69 procent van de conflicten in langdurige relaties is perpetueel. Dat wil zeggen: niet definitief oplosbaar. Deze conflicten raken aan dieperliggende verschillen tussen partners: verschillen in temperament, prioriteiten, waarden, geschiedenis.

Dat is logisch. We worden meestal niet verliefd op onze kloon. Vaak juist op iemand die ons aanvult, die anders is. Die andersheid is mooi, maar veroorzaakt ook telkens dezelfde discussies: over tempo, over geld, over hoeveel sociale contacten je wilt, over opvoeding, over rommel.

Wie verwacht dat een goede relatie zo’n conflict definitief oplost, raakt teleurgesteld. Het doel is anders: het gesprek erover steeds een beetje beter voeren. Steeds een stukje meer begrip. Steeds een beetje meer ruimte voor beide kanten.

Lees meer over hoe productief om te gaan met onoplosbare (paradoxe) conflicten

De vier “ruiters van de Apocalyps”

De Gottmans identificeerden vier communicatiepatronen die een relatie ondermijnen. Ze noemden deze patronen de Vier Ruiters van de Apocalyps:

1. Kritiek. Niet “ik baal ervan dat je vergeten bent te bellen”, maar “jij denkt ook nooit aan een ander”. Het verschil: kritiek richt zich op de persoon en zijn karakter, niet op het gedrag of de situatie. Kritiek voelt als een aanval en lokt verdediging uit.

2. Minachting. Een snier, een rolletje van de ogen, sarcasme, vernedering. Minachting is volgens de Gottmans de gevaarlijkste van de vier. Deze is de sterkste voorspeller van relatiebreuk. Het communiceert: “ik sta boven jou”.

3. Verdediging. Reageren met “ja maar…”, de schuld terugkaatsen, jezelf als slachtoffer presenteren. Verdediging blokkeert elke beweging, er valt niets meer te leren, niets meer te ontvangen.

4. Muren optrekken (stonewalling). Zwijgen, weglopen, dichtklappen. Vaak een reactie op overweldiging, maar voor de ander voelt het als afwijzing of straf.

Belangrijk: deze patronen komen in elke relatie wel eens voor. Het probleem ontstaat pas wanneer ze de standaardmanier worden waarop je met elkaar omgaat.

Overspoeling: waarom je gesprek soms volledig vastloopt

In een verhit conflict gebeurt er iets fysiologisch. Hartslag stijgt boven de honderd, ademhaling versnelt, het lichaam schiet in vecht-vluchtmodus. De Gottmans noemen dit flooding (overspoeling).

In dde flooding-staat zijn we biologisch niet meer in staat tot goed luisteren, nuance, empathie of compromis. De delen van het brein die daarvoor nodig zijn, krijgen letterlijk minder bloedtoevoer. Wie probeert door te praten terwijl een van beiden overspoeld is, maakt het alleen erger.

Wat te doen? Pauzeer. Tegen je partner: “Ik merk dat ik overspoeld raak. Ik heb even pauze nodig. Over een half uur ben ik er weer.”

Twee belangrijke voorwaarden voor zo’n pauze:

  • Minimaal twintig minuten. Dat is hoe lang het lichaam nodig heeft om het stresshormoon noradrenaline af te breken.
  • Niet langer dan vierentwintig uur. Anders wordt het ontwijken in plaats van pauzeren.

In de pauze: ga uit het zicht van je partner, doe iets ontspannends, probeer je met andere dingen bezig te houden. Ademhalingsoefeningen helpen het zenuwstelsel tot rust te brengen. Lopen helpt. Even iets fysieks doen, zoals afwassen of tuinieren, helpt. Doorpiekeren helpt niet. Op de website vind je een blog over ontspannen en over minder piekeren met meer praktische handvatten.

ontspannen en loslaten in de duinen

Zacht beginnen: de “softened start-up”

De Gottmans ontdekten iets opmerkelijks: in 97 procent van de gevallen voorspellen de eerste drie minuten van een conflict hoe het zal aflopen. Hoe je begint, is hoe je eindigt. Een harde, beschuldigende opening maakt een goed gesprek vrijwel onmogelijk.

De formule voor een zachte opening is verbluffend simpel:

“Ik voel X over Y en ik heb Z nodig.”

Drie elementen:

  • Ik voel X. Beschrijf je eigen gevoel. Niet je partner.
  • Over Y. Beschrijf de situatie of het probleem feitelijk, zonder verwijt.
  • Ik heb Z nodig. Formuleer een positieve behoefte — wat kan je partner doen om de situatie beter te maken? Niet de lijst met wat hij of zij verkeerd doet.

Een voorbeeld. In plaats van: “Jij denkt ook nooit aan mij, je hebt me niet eens gebeld!” probeer: “Ik voelde me eenzaam toen je gisteravond zo laat thuiskwam zonder bericht. Ik heb het nodig dat je me even een appje stuurt als het later wordt.”

Hetzelfde onderwerp. Compleet ander gesprek.

Bij een zachte opening hoort ook: geen “kitchen sinking” niet alle oude pijn van vroegere ruzies erbij halen. Eén onderwerp. Deze situatie. Alleen deze situatie.

Als je partner een onderwerp aansnijdt: luister eerst

De partnervaardigheid bij de zachte start-up is goed kunnen luisteren wanneer je partner iets aankaart. Hier maken de meeste mensen dezelfde fout: ze schieten direct in verdediging, in uitleggen, in weerleggen.

De stellen die de Gottmans “meesters van de liefde” noemden, deden iets anders: zij stelden hun eigen perspectief uit. Eerst de ander volledig begrijpen. Daarna pas reageren.

Wat dat concreet betekent:

  • Luister zonder direct je tegenargument klaar te leggen
  • Stel open vragen: “Vertel me meer”, “Was er nog iets anders dat je dwars zat?”
  • Vat samen wat je hoort: “Dus voor jou voelde het alsof…?”
  • Valideer. Validatie is niet hetzelfde als instemmen. Het betekent: ik kan zien waarom jij het zo ervaart. “Ik snap waarom dat je raakte.”

Validatie is misschien wel de meest onderschatte vaardigheid in relatieconflicten. Het kost niets ( je hoeft je positie niet op te geven) en het haalt onmiddellijk spanning uit een gesprek.

Los het moment op, niet het hele conflict

Een andere paradigmaverschuiving: tijdens een ruzie hoef je het probleem niet op te lossen. Vaak kun je dat ook helemaal niet, want, zoals boven al gezegd de meeste conflicten zijn perpetueel en niet oplosbaar.

Het doel is anders. Niet winnen. Ook niet je partner overtuigen. Niet eens een compromis bereiken. Het doel is: dit gesprek positiever maken dan negatief.

Dat is het. Een conflict waarin je elkaar uiteindelijk hebt gehoord, waarin de toon vriendelijk bleef, waarin geen lelijke dingen zijn gezegd — dat is een geslaagd conflict. Zelfs als het probleem zelf nog op tafel ligt.

De magische verhouding: 5 op 1

In mijn blog over betere relaties noemde ik al de “magic ratio” van de Gottmans. In gelukkige relaties is de verhouding tussen positieve en negatieve interacties vijf op één in het dagelijks leven.

Ook tijdens conflicten geldt deze verhouding: vijf positieve momenten tegenover één negatief. Dat klinkt onmogelijk midden in een ruzie, maar de “positieve momenten” zijn klein:

  • Een knikje van begrip
  • Even oogcontact
  • “Dat is een goed punt”
  • “Daar heb je gelijk in”
  • Een korte aanraking van een hand
  • Een glimlach
  • Even humor
  • “Sorry, dat was te scherp”
  • “Ik wil graag begrijpen wat je bedoelt”

Dit zijn wat de Gottmans reparatiepogingen noemen. Kleine, vaak onopvallende gebaren waarmee je laat zien: ik wil bij je blijven, ook nu we het niet eens zijn.

De achtergrond hiervan is dat ons brein een negativiteitsbias heeft: negatieve momenten wegen veel zwaarder dan positieve. Eén harde opmerking wist vijf vriendelijke uit. Daarom zijn die kleine positieve gebaren tijdens een gesprek niet bijzaak, maar essentieel.

Boosheid is informatie

Bij conflict komen ongemakkelijke emoties los: boosheid, frustratie, soms verdriet of angst. We hebben de neiging deze te willen wegduwen. Dat is jammer, want emoties bevatten informatie.

Boosheid in het bijzonder krijgt vaak ten onrechte een negatief stempel. Neurowetenschapper Richard Davidson liet zien dat boosheid in het brein juist een toenaderingsemotie is, net als nieuwsgierigheid en vreugde. Boosheid signaleert: er is iets dat ik wil, en het lukt nu niet. Er zit dus een doel onder, een behoefte.

Het probleem is niet dat we boos zijn. Het probleem ontstaat pas wanneer boosheid zich uit als kritiek, minachting of verdediging. Probeer in plaats daarvan boosheid te benaderen met nieuwsgierigheid: wat zegt deze boosheid mij over wat ik nodig heb? Wat is de frustreerde behoefte eronder?

Voor wie hier meer over wil lezen: het blog Verdriet, angst, boosheid: van klacht naar kracht gaat hier dieper op in.

ontspanning

Onder het conflict: de droom

Wanneer een conflict telkens terugkomt en blijft vastzitten, zit er bijna altijd iets dieper onder dan het oppervlakkige onderwerp. Een waarde, een geschiedenis, een diep verlangen, een oude pijn.

De ruzie over hoe vaak je de schoonfamilie bezoekt, gaat misschien onderliggend over verbondenheid versus autonomie. Of: De ruzie over geld gaat misschien over veiligheid versus vrijheid. En de ruzie over wie de afwas doet, gaat misschien over erkenning of gevoel van eerlijkheid.

Bij vastgelopen conflicten helpt het om de oppervlakte te verlaten en te onderzoeken: wat is hier voor jou de diepere droom of waarde? Concrete vragen daarbij:

  • Waar staat dit voor jou voor? Wat betekent het?
  • Heeft jouw standpunt te maken met je geschiedenis, met hoe je bent opgegroeid?
  • Welke waarden of overtuigingen liggen hieronder?
  • Als je een toverstok had en exact het ideaal kon scheppen, hoe zag dat er dan uit?

Dit gesprek is geen onderhandeling. Het doel is niet een oplossing. Het doel is dat je elkaar dieper leert kennen. Eén van jullie spreekt en vertelt; de ander luistert zoals een goede vriend zou luisteren, zonder oordeel, met aandacht. Daarna wisselen.

Veel diepe confliten werden minder scherp zodra beide partners de droom onder het standpunt begrijpen.

De bagel: kerngebied en flexibel gebied

Zodra je elkaars dieperliggende behoeften kent, kun je naar compromis bewegen. De Gottmans hebben hier een handige methode voor die zij de Bagel-methode noemen.

Teken twee cirkels: een kleine binnencirkel en een grotere buitencirkel eromheen.

  • In de binnencirkel zet je de dingen waarover je niet kunt onderhandelen op dit onderwerp. Je kernbehoeften, kernwaarden. Wat absoluut nodig is voor jou.
  • In de buitencirkel zet je je flexibele gebieden — alle aspecten waar je wél kunt geven, schikken, meebewegen, mits het kerngebied gerespecteerd wordt.

Beide partners doen dit. Daarna vergelijken jullie de twee bagels: waar overlappen jullie kernen? Waar zit speling? Wat kan partner A loslaten als partner B iets anders waarborgt?

Een belangrijk principe hierbij: wees geen rots. Als iemand geen flexiebel gebied heeft, wordt diegene een obstakel waar de ander uiteindelijk omheen gaat in plaats van mee samenwerkt. Partners die de meeste invloed hebben in een relatie, zijn juist degenen die zichzelf laten beïnvloeden. Yield to win.

Compromis voelt zelden perfect. Iedereen wint iets en verliest iets. Wat telt is dat beide kernen worden gerespecteerd.

Eerdere ruzies verwerken

Iedere relatie kent ruzies die niet goed verliepen. Waarbij dingen werden gezegd die pijn deden, waarbij iemand wegliep, of waarbij een onderwerp halverwege onder het tapijt verdween.

De grootste fout is om zulke incidenten onbesproken te laten. Een onverwerkt conflict werkt als een steentje in je schoen: het schuurt, en het volgende conflict begint al met opgehoopte ergernis.

Daarom hebben de Gottmans een methode ontwikkeld om eerdere ruzies te verwerken zonder er opnieuw ruzie over te krijgen. Belangrijk: dit doe je niet direct na de ruzie. Wacht tot beiden weer rustig zijn. Pas dán nodig je elkaar uit om “in het balkon” te gaan zitten. Je kijkt samen terug op het toneelstuk van wat er gebeurde, vanaf een afstandje.

De vijf stappen, kort:

  1. Gevoelens delen. Hoe voelde jij je tijdens die ruzie? (Niet waarom, alleen welke gevoelens.)
  2. Realiteiten uitwisselen. Vertel jouw beleving van wat er gebeurde, alsof je verslag uitbrengt. Niet “jij deed X met de bedoeling Y”, maar “ik zag X, ik dacht Y, ik voelde Z”. Vat daarna de versie van je partner samen en valideer.
  3. Triggers benoemen. Wat raakte er bij jou een gevoelige snaar? Vaak gaat een trigger terug op iets ouders — eerdere relaties, je jeugd, eerdere ervaringen. Vertel waar het vandaan komt, zodat je partner je beter leert kennen.
  4. Verantwoordelijkheid nemen. Wat was jouw aandeel? Wat zette jou op scherp die dag — stress, slecht geslapen, opgekropte irritatie? Bied een specifieke verontschuldiging aan voor wat je echt betreurt.
  5. Constructieve plannen maken. Eén ding dat je partner volgende keer anders kan doen. Eén ding dat jíj volgende keer anders gaat doen.

Twee realiteiten zijn altijd geldig. Er bestaat geen objectieve “waarheid” over wat er precies gebeurde. Beide belevingen mogen er zijn.

Het is nooit te laat om een ruzie te verwerken. Zelfs één van decennia geleden kan op deze manier alsnog uit de schoen worden gehaald.

?

Wat te doen als het structureel niet lukt

Soms loopt het vast, ondanks goede bedoelingen. Een paar signalen dat externe begeleiding zinvol is:

  • Dezelfde ruzie keert al jaren terug zonder enige beweging
  • Een of beide partners reageren structureel met minachting
  • Er is sprake van vermijding: jullie praten gewoon niet meer over de moeilijke onderwerpen
  • Er zit veel onverwerkte pijn uit het verleden tussen jullie in
  • Eén van beiden voelt zich chronisch niet gehoord of gewaardeerd

Eerlijk gezegd is het zonde om jaren in zo’n patroon te blijven hangen terwijl er beproefde methodes bestaan om eruit te komen. Een paar gesprekken met een goede coach of psycholoog kunnen vaak al veel ruimte scheppen.

Een belangrijke kanttekening: alles in dit blog gaat uit van twee partners die in essentie welwillend zijn naar elkaar. Bij fysieke, seksuele of emotionele mishandeling gelden deze methodes niet. Dat is geen conflict om constructief te voeren dat is een situatie om ondersteuning bij te zoeken en afstand te nemen.

Conflict als groeiplek

Conflict is niet het tegenovergestelde van een goede relatie. Conflict is de plek waar de relatie zich kan verdiepen. Waar je elkaar beter leert kennen. Waar de basisbehoeften aan autonomie, competentie en verbondenheid opnieuw worden onderhandeld.

zelfdeterminatietheorie, dat de intrinsieke motivatie Welzijn en intrinsieke motivatie van mensen samenhangt met 3 factoren (psychologische basisbehoeften) : autonomie, competentie en saamhorigheid

De meeste mensen hebben nooit geleerd hoe ze constructief ruzie moeten maken. We nemen patronen mee uit ons ouderlijk gezin, uit eerdere relaties, uit een cultuur die conflict ofwel verheerlijkt ofwel taboeïseert. Dat patronen veranderen kost tijd en herhaling. Je hoeft je conflictstijl ook niet helemaal te veranderen — vermijders blijven enigszins vermijdend, vurige types blijven enigszins vurig. Maar je kunt wél in stapjes veranderen en leren. En dat is veel.

Begin klein. Probeer één keer een zachte opening. Of: Probeer één keer een pauze in plaats van doorpraten als je overspoeld raakt. Probeer één keer te valideren in plaats van te verdedigen. Een eerlijk “sorry, dat kwam scherper uit dan ik bedoelde” op het juiste moment kan een hele avond redden.


Ook uit elkaar gaan kan op een faire manier. Lees hier meer over hoe je op een constructieve manier uit elkaar kunt gaan.

Literatuur

Gottman, J. S., & Gottman, J. M. (2024). Fight Right: How Successful Couples Turn Conflict into Connection. Harmony.

Gottman, J. M., & Gottman, J. S. (2015). Gottman couple therapy. In A. S. Gurman, J. L. Lebow, & D. K. Snyder (Eds.), Clinical handbook of couple therapy (pp. 129–157). The Guilford Press.

Davidson, R. J. (2004). What does the prefrontal cortex “do” in affect: perspectives on frontal EEG asymmetry research. Biological Psychology, 67(1-2), 219-234.

Knee, C. R., Hadden, B. W., Porter, B., & Rodriguez, L. M. (2013). Self-determination theory and romantic relationship processes. Personality and Social Psychology Review, 17(4), 307-324.

Feiten en meningen

Realiteit, feiten en meningen

Het verschil tussen feiten en meningen lijkt vanzelfsprekend, maar is het niet. Over hoe we waarheid en overtuiging door elkaar halen.

In haar column Realiteit, een wankel construct laat psychiater en politica Esther van Fenema zien, dat er een overlap is tussen hallucinaties en waanvoorstellingen van psychiatrische patiënten en van “gezonde” mensen. Inderdaad, waanzin is menselijk. Ook niet-psychotische mensen kennen grenssituaties onder invloed van drugs, alcohol of angst, waar de waarnemingen de realiteit helemaal niet spiegelen.

Lees verder “Feiten en meningen”