Loopbaancoaching

De arbeidsmarkt verandert sneller dan ooit. Automatisering, generatieve AI, krimpende én groeiende sectoren, en de wens om werk te doen dat ergens toe dient: veel mensen die bij mij komen voelen dat de grond onder hun loopbaan schuift. Soms door een reorganisatie of dreigend ontslag, soms door een sluimerend gevoel dat het werk niet meer past, en steeds vaker door de vraag: wat blijft er voor mij over als computers steeds meer kunnen?

Loopbaancoaching

Loopbaancoaching gaat over precies die vraag. Niet over een snelle cv-opfrisbeurt, maar over je opnieuw oriënteren: ontdekken wat bij je past, wat je wilt ontwikkelen, en hoe je betekenisvol en met plezier blijft werken in een wereld die niet stilstaat. In dit blog beschrijf ik hoe ik daar als coach-psycholoog naar kijk, en hoe een traject er bij mij uitziet.

Opnieuw oriënteren als de arbeidsmarkt verschuift

Wie zich heroriënteert, staat al gauw voor een paradox: méér mogelijkheden voelt vaak niet als méér vrijheid, maar als meer twijfel. Psycholoog Barry Schwartz noemde dit de paradox of choice: een overvloed aan opties kan verlammen in plaats van bevrijden. In een loopbaantraject is mijn eerste taak dan ook niet om opties toe te voegen, maar om samen ordening en richting aan te brengen.

energie

Dat begint met de juiste vragen. Niet “welke vacature is er?”, maar: wat geeft jou energie en wat kost het je? In welke situaties kwam je tot je recht? Wat wil je behouden, en wat mag je voorgoed achterlaten? Heroriënteren is geen sprong in het diepe, maar een onderzoek dat we stap voor stap doen.

Terugkijken: wat werkte, en wat juist niet

Voordat we vooruitkijken, kijken we terug. Samen breng ik je arbeidsverleden in kaart als bron van inzicht. Welke taken, rollen en samenwerkingen gaven voldoening? Wanneer voelde je je competent en betrokken, en wanneer raakte je uitgeput of gedemotiveerd?

Ik werk hierbij graag met een nauwkeurige analyse, zoals ik beschrijf in mijn blog over het belang van nauwkeurige gedragsanalyse. In plaats van vage labels als “ik ben gewoon niet ambitieus” of “ik kan niet tegen drukte”, onderzoeken we concreet: in welke context, met welke mensen en bij welke taken liep het goed of juist vast? Die precisie maakt het verschil tussen vastzitten en weer in beweging komen.

Daarbij hoort ook mildheid voor wat niet lukte. Perfectionisme en zelfverwijt zijn slechte loopbaanadviseurs. Zoals ik in mijn blog over zelfcompassie beschrijf, zijn fouten en mislukte keuzes geen bewijs van tekortschieten, maar leermateriaal. Een loopbaan die af en toe piept en kraakt, is een loopbaan waarin je iets durfde.

dagboek emotie cognitie zelfbeeld afstand perspectief

Een reflectiedagboek tussen de sessies

Coaching werkt het sterkst als het denken doorgaat tussen de gesprekken in. Daarom vraag ik cliënten vaak om een eenvoudig reflectiedagboek bij te houden. Geen verplicht schrijfwerk, maar korte aantekeningen: wanneer voelde ik me deze week op mijn plek? Welk moment gaf energie, welk juist niet? Welke gedachte over mijn loopbaan kwam steeds terug?

Schrijven vertraagt en ordent. Het haalt patronen naar boven die in één gesprek onzichtbaar blijven, en het maakt je tot mede-onderzoeker van je eigen loopbaan in plaats van passieve ontvanger van advies. In de volgende sessie vormen die aantekeningen vaak het vruchtbaarste startpunt.

Gesprekken vanuit psychologische basisbehoeften

zelfdeterminatietheorie, dat de intrinsieke motivatie Welzijn en intrinsieke motivatie van mensen samenhangt met 3 factoren (psychologische basisbehoeften) : autonomie, competentie en saamhorigheid
autonomie, competentie en saamhorigheid

De rode draad in mijn loopbaancoaching zijn de drie psychologische basisbehoeften uit de zelfdeterminatietheorie van Deci en Ryan: autonomie, competentie en verbondenheid. Werk dat deze drie behoeften voedt, motiveert van binnenuit en houdt mensen gezond; werk dat ze structureel ondermijnt, leidt op termijn tot demotivatie, cynisme en uitputting.

In een loopbaantraject onderzoeken we daarom niet alleen wat je zou kunnen doen, maar waaróm bepaald werk wel of niet bij je paste:

  • Autonomie: Had je voldoende regie en ruimte om het op jouw manier te doen, of voelde je je voortdurend gestuurd?
  • Competentie: Kon je je vaardigheden inzetten en groeien, of bleef je hangen in werk dat te makkelijk of juist chronisch te zwaar was?
  • Verbondenheid: Voelde je je gezien en gewaardeerd, en hoorde je ergens bij?

Deze bril helpt om loopbaankeuzes te toetsen aan wat je werkelijk nodig hebt om te floreren. Ik schreef eerder uitgebreider over hoe deze basisbehoeften ook doorwerken in goede professionele feedback . Dit is een onderwerp dat in elk loopbaangesprek terugkomt, want hoe je leert omgaan met waardering en kritiek bepaalt mede hoe je je ontwikkelt.

Investeer in wat typisch menselijk is

wef future of jobs report 2025

En dan de vraag die steeds meer cliënten bezighoudt: hoe blijf ik van waarde naast steeds slimmere technologie? Mijn antwoord is niet om te concurreren met de machine, maar om juist te investeren in wat typisch menselijk is. Opvallend genoeg wijst ook het Future of Jobs Report 2025 van het World Economic Forum die kant op: naast technologische vaardigheden worden creatief denken, veerkracht, nieuwsgierigheid en een leven lang leren, en sociale en leiderschapsvaardigheden de snelst groeiende competenties. Het zijn precies de kwaliteiten die zich slecht laten automatiseren.

Ik moedig cliënten aan om bewust te werken aan een aantal van deze menselijke kwaliteiten:

Een paradox mindset. Het vermogen om tegenstrijdigheden te verdragen en zelfs productief te maken, dus tegelijk realistisch én hoopvol zijn, stevigheid combineren met flexibiliteit. Waar AI gedijt op heldere antwoorden, is de mens juist sterk in het uithouden van spanning en dubbelzinnigheid.

Humor. Lachen om jezelf, om het absurde, en samen met anderen verlicht spanning, schept verbinding en houdt je flexibel, alle drie onmisbaar bij loopbaanveranderingen. Vooral verbindende en zelfondersteunende humor draagt bij aan welzijn. Ik werk dit verder uit in mijn reeks over humor als copingstrategie.

Creativiteit. Niet alleen artistiek talent, maar het vermogen om problemen vanuit een nieuwe hoek te bekijken, te combineren wat niet vanzelfsprekend samengaat, en eigen oplossingen te bedenken. Coaching die je aanmoedigt om creatief en flexibel te denken en je perspectief te verbreden, traint precies dit.

Daarnaast beveel ik aan om te investeren in:

  • Kritisch oordeelsvermogen: Juist nu AI vlot en overtuigend, maar soms onjuist of vleiend antwoordt, is het menselijk vermogen om te wegen, te toetsen en eigen oordeel te vormen goud waard.
  • Empathie en verbinding: Echt luisteren, samenwerken en relaties onderhouden. De zorg, het onderwijs en alle mensgerichte beroepen groeien juist hierin.
  • Nieuwsgierigheid en een leven lang leren: Een groei- of mastery mindset maakt je wendbaar: je ziet veranderingen als uitdaging in plaats van bedreiging.
  • Veerkracht en zelfcompassie: Het vermogen om tegenslag op te vangen en jezelf niet af te kraken bij een misstap.
  • Zingeving: Weten waaróm je doet wat je doet. Werk dat aansluit bij je waarden houdt je overeind als de buitenwereld onzeker wordt.

Hoe een loopbaantraject er bij mij uitziet

In de praktijk combineer ik psychologische diepgang met een praktische, oplossingsgerichte aanpak. We brengen je arbeidsverleden en je basisbehoeften in kaart, je houdt tussen de sessies een reflectiedagboek bij, en we vertalen inzichten naar concrete, haalbare stappen.

gedragsverandering in kleine stappen

Soms zitten we daarbij in mijn praktijk, soms wandelen we. Buiten praten loopt vaak vrijer. Ik richt me op het psychologische deel van de heroriëntatie; voor formele en juridische aspecten van bijvoorbeeld outplacement of re-integratie verwijs ik waar nodig gericht door.

Meer weten over mijn werkwijze als coach-psycholoog of een keer kennismaken? Kijk op mijn homepage.

Ik merk in mijn praktijk hoeveel onrust de snelle veranderingen op de arbeidsmarkt oproepen, en tegelijk hoeveel ruimte er ontstaat zodra mensen ophouden zich te meten met de techniek en gaan investeren in wat hen juist menselijk maakt. Een loopbaan is een zoektocht naar werk waarin je je competent, vrij en verbonden voelt. Mijn rol is om je daarbij scherpe vragen te stellen, ondersteunend te blijven waar nodig, en samen met jou de richting te vinden die echt bij je past.

Literatuur

  • Deci, E. L., & Ryan, R. M. (2000). The “what” and “why” of goal pursuits: Human needs and the self-determination of behavior. Psychological Inquiry, 11(4), 227–268.
  • Dweck, C. S. (2006). Mindset: The new psychology of success. Random House.
  • Martin, R. A., & Ford, T. E. (2018). The psychology of humor: An integrative approach (2nd ed.). Academic Press.
  • Pink, D. H. (2009). Drive: The surprising truth about what motivates us. Riverhead Books.
  • Schwartz, B. (2004). The paradox of choice: Why more is less. Harper Perennial.
  • World Economic Forum. (2025). The future of jobs report 2025. World Economic Forum.

Agency en eigen regie

Een gevoel van agency (in het Nederlands eigen regie) is essentieel voor een tevreden leven. Agency is het vermogen én het gevoel om zelf de auteur te zijn van je eigen handelen: het besef dat jouw keuzes en daden er werkelijk toe doen en verschil maken. Eigen regie is een algemeen psychologisch concept, een soort koepel die op verschillende psychologische pilaren rust. In dit artikel licht ik er drie van deze pijlers uit:
*of je handelen echt uit jezelf komt: autonomie
*of je gelooft dat je iets kunt bereiken: zelfvertrouwen
*en wat er gebeurt wanneer dat gevoel van regie wegvalt: aangeleerde hulpeloosheid.

Autonomie en intrinsieke motivatie

zelfdeterminatietheorie, dat de intrinsieke motivatie Welzijn en intrinsieke motivatie van mensen samenhangt met 3 factoren (psychologische basisbehoeften) : autonomie, competentie en saamhorigheid
autonomie, competentie en saamhorigheid

Agency draait in de eerste plaats om auteurschap, niet alleen om kunnen. Je kunt een taak perfect uitvoeren en je er toch geen eigenaar van voelen. Volgens de zelfdeterminatietheorie is autonomie, het gevoel dat je handelen voortkomt uit je eigen waarden en keuzes, een psychologische basisbehoefte. Wanneer je vanuit die innerlijke instemming handelt, ontstaat intrinsieke motivatie: je doet iets omdat het bij je past, niet alleen omdat het moet. Dat is de kern van eigen regie het verschil tussen “ik moet” en “ik kies”, zelfs ook bij taken die een ander je oplegt.

Zelfvertrouwen en controle

competentie

Naast de wil speelt het geloof in je eigen invloed. Hier komen drie nauw verwante begrippen samen. Self-efficacy (Bandura) is je vertrouwen dat je een bepaalde handeling daadwerkelijk kunt uitvoeren. Locus of control (Rotter) gaat over de vraag of je uitkomsten toeschrijft aan je eigen gedrag, of juist aan geluk, toeval en machtige anderen. En je attributiestijl bepaalt hoe je de oorzaken van succes en tegenslag verklaart. Samen vormen ze je overtuigingen over je eigen oorzakelijke kracht. Deze laag hangt sterk samen met de basisbehoefte competentie uit de zelfdeterminatietheorie: ervaringen van meesterschap vergroten je self-efficacy, en een stevig gevoel van self-efficacy maakt dat je juist uitdagingen opzoekt die je competentie verder ontwikkelen, ze versterken elkaar over en weer. Wie hierin wil groeien, heeft veel aan een mastery mindset, en waar dit geloof afbrokkelt, ontstaan vaak faalangst en prestatieangst.

Als de regie wegvalt: aangeleerde hulpeloosheid

Eigen regie kent ook een schaduwzijde. Wanneer mensen keer op keer ervaren dat hun handelen geen verschil maakt, kunnen ze aangeleerde hulpeloosheid (Seligman) ontwikkelen: ze stoppen met proberen, zelfs wanneer er weer wél invloed mogelijk is. Een pessimistische attributiestijl betekent, tegenslag te zien als iets persoonlijks, blijvends en allesomvattends. Dit speelt bij aangeleerde hulpeloosheid een sleutelrol. Dit verlies van regie hangt nauw samen met depressieve klachten, met angst en piekeren, en met werkstress en burn-out. Het hoopgevende nieuws is dat eigen regie te herwinnen is: door ervaringen op te doen waarin je wél invloed hebt, door anders te leren kijken naar wat je overkomt, en door een omgeving die je autonomie ondersteunt. Copingstrategieën en het opbouwen van mentale weerbaarheid helpen daarbij.

De steunpilaren van agency

Agency, oftewel eigen regie, is dus opgebouwd uit meerdere lagen: de wil om vanuit jezelf te handelen, het geloof dat je invloed hebt, en de veerkracht om regie te herwinnen wanneer die onder druk staat. Bij het coaching is het versterken van die eigen regie vaak een rode draad.

Literatuur

Bandura, A. (1997). Self-efficacy: The exercise of control. W. H. Freeman.

Rotter, J. B. (1966). Generalized expectancies for internal versus external control of reinforcement. Psychological Monographs, 80(1), 1–28.

Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2017). Self-determination theory: Basic psychological needs in motivation, development, and wellness. The Guilford Press.

Seligman, M. E. P. (1975). Helplessness: On depression, development, and death. W. H. Freeman.

Het belang van professionele feedback

In een eerder blog schreef ik over feedback geven en ontvangen: professionele feedback ondersteunt de drie psychologische basisbehoeften uit de zelfdeterminatietheorie: autonomie, competentie en verbondenheid. Goede feedback is specifiek, nauwkeurig, beschrijvend en respectvol. Slechte feedback (vaag, oordelend of vleiend) beschadigt motivatie én relatie.

zelfkennis zelfreflectie-feedback
zelfkennis -zelfreflectie-feedback

Door vleiende chatbots krijgt dit thema een nieuwe urgentie.

Het tijdperk van de digitale ja-knikker

Lees verder “Het belang van professionele feedback”

De zelfdeterminatietheorie op de werkvloer

In februari 2026 verscheen in het tijdschrift Stress and Health een omvangrijke meta-analyse van Martin Hagger en Kaylyn McAnally Starr over de toepassing van de zelfdeterminatietheorie (SDT) in werkcontexten. De auteurs combineerden de gegevens van 192 studies met ruim 93.000 werknemers. Daarmee is het tot nu toe de meest robuuste empirische toets van het SDT-procesmodel op de werkvloer.

Het empirisch bevestigde model

zelfdeterminatietheorie, dat de intrinsieke motivatie Welzijn en intrinsieke motivatie van mensen samenhangt met 3 factoren (psychologische basisbehoeften) : autonomie, competentie en saamhorigheid

Hagger en Starr toetsten één samenhangende keten:

Ondersteuning van de basisbehoeften → bevrediging van autonomie, competentie en verbondenheid → autonome motivatie → werkuitkomsten.

Elke schakel hield stand. Werknemers die zich in hun basisbehoeften gesteund voelen door hun leidinggevenden, ervaren meer autonome motivatie. En autonome motivatie voorspelt sterk hogere bevlogenheid, werktevredenheid, prestatie en welzijn.

autonomie

Werken onder druk is schadelijk

Een van de meest sprekende bevindingen betreft gecontroleerde motivatie: handelen vanuit druk, schuldgevoel of externe beloning. Deze vorm bleek een robuuste voorspeller van burn-out en personeelsverloop. De praktische boodschap is helder: niet hoeveel iemand werkt bepaalt het risico op uitputting, maar waarom iemand werkt. Dit sluit precies aan bij wat al bekend was over de nadelen van extrinsieke motivatie.

Universele werking

De effecten bleken vergelijkbaar in landen met individualistische én collectivistische culturen. De universele waarde van autonomie, competentie en verbondenheid (zoals de SDT veronderstelt) wordt daarmee opnieuw bevestigd.

Wat betekent dit voor coaching?

In mijn coaching combineer ik cognitieve gedragstherapie (CGT) met de zelfdeterminatietheorie. CGT levert de technieken om belemmerende gedachten en patronen rond werk te onderzoeken; SDT geeft de richting aan: meer intrinsieke motivatie, meer ervaren autonomie, meer vitaliteit en bevlogenheid. De nieuwe meta-analyse onderbouwt dat deze richting ook een wetenschappelijk gefundeerde buffer vormt tegen werkstress en burn-out.

Literatuur

Hagger, M. S., & Starr, K. M. (2026). Self-Determination Theory and Workplace Outcomes: A Meta-Analysis. Stress and Health, 42, e70151. https://doi.org/10.1002/smi.70151

Betere relaties

Relaties en psychologische behoeften

intrinsieke motivatie
zelfdeterminatietheorie

Voor betere relaties (met een partner, met familie, vrienden, buren en op het werk) kunnen we het beste steunen op de informatie uit goed onderbouwde motivatietheorieen.

De zelfdeterminatietheorie of zelfbeschikkingstheorie (SDT) is een psychologische theorie die verklaart hoe menselijke motivatie en welzijn worden beïnvloed door de sociale omgeving. Belangrijk hierbij is de vervulling van drie psychologische basisbehoeften: autonomie, competentie en verbondenheid. Volgens SDT verwijst autonomie naar het gevoel van vrije wil en keuze in iemands handelen, competentie naar het gevoel van effectiviteit en beheersing in iemands activiteiten, naar Saamhorigheid verwijst naar het gevoel van verbondenheid met anderen.

betere relaties zelfdeterminatietheorie motivatie welzijn basisbehoeften autonomie competentie verbondenheid mentale weerbaarheid

De zelfdeterminatietheorie helpt, om romantische en ook andere relaties te begrijpen en te verbeteren. SDT stelt hierbij dat relaties de mentale weerbaarheid en het welzijn van de betrokkenen kunnen ondersteunen of ondermijnen.

Psychologische basisbehoeften in relaties

Een sleutelbegrip in SDT is de rol van psychologische basisbehoeften.

De zelfdeterminatietheorie
psychologische basisbehoeften SDT

De zelfdeterminatietheorie stelt dat relaties voor beide partners de behoeften aan autonomie, bekwaamheid en verbinding kunnen vervullen of frustreren. Behoeftevervulling treedt op wanneer partners elkaars keuzes en voorkeuren steunen (autonomie), elkaars capaciteiten en inspanningen erkennen en waarderen (competentie), en zorg en genegenheid voor elkaar tonen (verbondenheid). Aan de andere kant treedt behoefte-frustratie op wanneer partners elkaars acties controleren of dwingen (minder autonomie), elkaars vaardigheden en prestaties bekritiseren of ondermijnen (minder competentie), of elkaars gevoelens en behoeften verwaarlozen of afwijzen (minder verbondenheid).

Respecteer de autonomie van de ander- net als je eigen autonomiebehoefte

Een goede relatie vraagt erom dat je voortdurend goed erop let de autonomie van een ander ruimte te geven. Evenzo belangrijk is het, dat je om ruimte voor je eigen autonomie vraagt. Heel concreet kan je het volgende doen:

vriendelijkheid relaties


*Keuzevrijheid geven/vragen bij de uitvoering van huishoudelijke of andere taken

*Het perspectief van de ander innemen (en ook hierom durven te vragen)

*Onderbouwde uitleg geven/vragen voor wensen

*Vriendelijk formuleren

*Geduld tonen/vragen

*Negatieve emoties toestaan/begrip hiervoor vragen

*Feedback vragen

Competentie bij een ander kan je op de volgende manier aanmoedigen (en voor je zelf hierom vragen):

psycholoog wandelcoach Den Haag genschappen methode tools en technieken gesprek analytische vaardigheden oplossingsgericht positieve psychologie gedrag
kleine stappen

*Kleine stappen aanmoedigen en ondersteuen als iemand iets nog moet leren (of het nou koken is of reparatie of naaien, maakt niet uit)

*Constructief feedback geven en vragen

*Hoge tolerantie voor fouten tonen en vragen

Verbondenheid kan op de volgende manier worden ondersteund:

aandacht geven verbondenheid
aandacht geven

*Veel aandacht geven (en ook durven te vragen)!

*Responsiviteit: begrip, erkenning, zorgzaamheid tonen en vragen: de relatie gaat altijd voor sociale media etc.

*Vriendelijke verhoudingen: toon en houding bewust warm en vriendelijk maken

*Ondersteuning en samenwerking: bewust hulp en steun bieden.

Iedereen overschat zijn eigen vriendelijkheid: negativiteitsbias

Mensen zijn over het algemeen niet vriendelijk genoeg, om relaties optimaal te laten groeien. Achteloosheid, zorgen of veelvuldige aandachtseisen maken, dat wij niet zo aardig tegen elkaar zijn als we zouden kunnen. (Ik heb het nu hier niet over conflicten).

Mensen hebben een aangeboren tendens, om dingen en andere mensen kritisch te zien en negatieve aspecten uit te vergroten: de negativiteitsbias. Voor goede relaties is het zeer belangrijk, dat we deze negativiteitsbias (een systematische denkfout) kennen en actief bijsturen. Het is hierbij niet genoeg om de negativiteitsbias alleen uit te balanceren: nee, het is noodzakelijk om actief vriendelijk en positief te zijn:

De onderzoekers John and Julie Gottman onderzochten over decennia de communicatie in gelukkige en ongelukkige stellen. In gelukkige relaties maakten partners 5 keer zo vaak een positieve opmerking als een negatieve.

5 keer!

Twee dingen kunnen we hiervan leren, ook voor alle andere relaties:

Ten eerste: probeer veel leuke en aardige dingen te zeggen en te doen en veel aandacht te geven. Ten tweede: je mag best een keer ook kritisch zijn. Als je dit op een goede manier uitlegt (met aandacht voor autonomie, competentie en verbondenheid, zie boven) en de kritiek omgeven wordt door een vriendelijke, solide relatie, kan dit heel goed.

En als het niet lukt?

vriendelijkheid relatie

Vriendelijkheid is niet moeilijk. Het gaat om kleine dingen: glimlachen, danken, interesse tonen, lachen, een grapje maken, soms een cadeautje, soms een verrassing…het gaat vooral om aandacht. Maar wat als je merkt dat je niet vriendelijk kunt of wilt zijn, of als de ander op jouw vriendelijkheid niet met aandacht en vriendelijkheid reageert? Dan kan het zijn dat je op de korte en zeker op de lange termijn in een conflict over loyaliteit en commitment belandt. Denk hierover na, bespreek het met een vertrouwde vriend of zoek een coach. Het beste is het om een sluimerend loyaliteitsconflict, dat uit onvoldoende aardigheid of te weinig aandacht blijkt proactief onder ogen te zien.

Waarschuwingstekens

De vervulling van psychologische basisbehoeften is noodzakelijk voor mentale en fysieke gezondheid. Omgekeerd is het een waarschuwingsteken als de psychologische basisbehoeften niet worden vervuld. Dit is het geval in misbruiksrelaties. Fysiek, seksueel en emotioneel misbruik is geen pijn om te verdragen, maar een signaal om onmiddelijk ondersteuning te zoeken en een stap terug te doen!

Een constructief gesprek

Constructieve gesprekken hebben een aantal belangrijke kenmerken:

  • een vriendelijke en ontspannen lichaamshouding bij degene, die spreekt.
  • concentratie op observeerbare feiten in plaats van persoonlijkheid. Dus “Jouw sokken liggen op de grond” ipv “Jij bent altijd zo slordig”
  • en positieve wens in concrete kleine stappen ipv verwijten (“Kunnen we 5 minuten lang samen de kamer opruimen?”).

Ontspanning en emotieregulatie

Persoonlijke gesprekken, waar wij sterk betrokken raken, zijn moeilijk als controversiele onderwerpen of meningsverschillen op tafel komen. Hartslag en bloeddruk gaan bij de partners omhoog. Voor een goede relatie zijn verdiepende gesprekken essentieel. Hierbij is het zeer belangrijk om te leren lichamelijke reacties te monitoren en ontspanningstechnieken te kennen en te beheersen. Als de hartslag te hoog oploopt is het goed en zelfs noodzakelijk om even te pauseren en ademoefeningen te doen.

Meer lezen:

Constructieve relatieconflicten

Literatuur

Gottman, J. M., & Gottman, J. S. (2015). Gottman couple therapy. In A. S. Gurman, J. L. Lebow, & D. K. Snyder (Eds.), Clinical handbook of couple therapy (pp. 129–157). The Guilford Press.

Knee, C. R., Hadden, B. W., Porter, B., & Rodriguez, L. M. (2013). Self-determination theory and romantic relationship processes. Personality and Social Psychology Review17(4), 307-324.

Verbondenheid een basisbehoefte

zelfdeterminatietheorie welzijn menatle gezondheid saamhorigheid sociale relaties intrinsieke motivatie steun interactie
autonomie, competentie en saamhorigheid

Verbondenheid of saamhorigheid is een begrip uit de zogenaamde zelfdeterminatietheorie . Saamhorigheid verwijst hier naar een van de drie aangeboren psychologische behoeften die individuen motiveren en bijdragen aan hun welzijn. Verbondenheid staat hier naast autonomie en competentie, de andere twee psychologische behoeften. Volgens de zelfdeterminatietheorie betekent saamhorigheid de behoefte aan verbinding, sociale interacties en positieve relaties met anderen. Verbondenheid is dan het gevoel erbij te horen en het verlangen om betekenisvolle verbindingen en banden aan te gaan met mensen om ons heen.

Mensen zijn sociale wezens. Daarom weerspiegelt verbondenheid de fundamentele behoefte aan sociale saamhorigheid en acceptatie. De relatie met anderen geeft mensen een gevoel van steun en begrip. Dit draagt bij aan hun algehele psychologische welzijn en motivatie. Saamhorigheid omvat ook zowel emotionele als interpersoonlijke aspecten van menselijke interactie.

Positieve gevolgen van verbondenheid

Mentale weerbaarheid Verbondenheid zelfdeterminatietheorie welzijn menatle gezondheid saamhorigheid sociale relaties intrinsieke motivatie steun interactie
Mentale weerbaarheid en gezondheid

Bevredigende relaties en je verbonden voelen met anderen heeft verschillende positieve gevolgen. Hierbij hoort verhoogde intrinsieke motivatie, evenals verbeterde mentale weerbaarheid, meer geluk en minder psychologische stress. Door saamhorigheid vinden individuen sociale steun, voelen ze ook zich gewaardeerd en gerespecteerd en ervaren ze het gevoel bij een groep of gemeenschap te horen.

Verbondenheid kan op de volgende manier ondersteund worden:

  • *Aandacht geven!
  • *Faciliteren van sociale interactie
  • *Responsiviteit: begrip, erkenning, zorgzaamheid
  • *Vriendelijke verhoudingen
  • *Ondersteuning en samenwerking

Meer lezen: Betere relaties

Literatuur:

Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2022). Self-determination theory. In Encyclopedia of quality of life and well-being research (pp. 1-7). Cham: Springer International Publishing.

Ryan, R. (2019). The Oxford handbook of human motivation (Second ed., Oxford handbooks online).

Flow

flow
flow (klik voor video)

De flowtoestand, ook wel bekend als “in de zone zijn”, is een mentale toestand waarin een persoon volledig opgaat in een activiteit. Deze staat van diepe concentratie en betrokkenheid wordt vaak geassocieerd met verhoogde prestaties en creativiteit.

Competentie en flow zijn twee nauw verwante concepten in de positieve psychologie en als psychologische basisbehoefte. Deze begrippen beschrijven de optimale staat van menselijk functioneren. Competentie verwijst naar het gevoel van beheersing en effectiviteit dat iemand heeft in zijn werk of een andere activiteit. Flow verwijst naar de subjectieve toestand van volledige absorptie en plezier die iemand ervaart wanneer hij volledig betrokken is bij een uitdagende en zinvolle taak.

Volgens Csikszentmihalyi, de grondlegger van de flowtheorie, wordt flow gekenmerkt door intense betrokkenheid bij de activiteit van moment tot moment. De aandacht gaat volledig uit naar de betreffende taak. De Flow-toestand omvat ook drie aanvullende subjectieve kenmerken: het samengaan van actie en bewustzijn, een gevoel van controle, en een veranderd tijdsbesef.

Flow is geen willekeurige of toevallige gebeurtenis, maar het resultaat van bepaalde omstandigheden die passen bij de taak en de persoon.

Csikszentmihalyi identificeerde drie belangrijke voorwaarden voor flow:

  • Duidelijke doelen: De persoon weet wat hij wil bereiken en hoe hij zijn vooruitgang kan meten.
  • Evenwicht tussen waargenomen uitdagingen en waargenomen vaardigheden:
  • De taak is noch te gemakkelijk noch te moeilijk voor het vaardigheidsniveau van de persoon, waardoor een gevoel van optimale uitdaging ontstaat.

Competentie

Deze voorwaarden ondersteunen ook de competentie, omdat ze de persoon helpen verwachtingen te begrijpen. Ook weet de persoon (werknemer, student, leeling) hoe hij/zij prestaties kan verbeteren en hoe moeilijkheden kan overwinnen. Competentie en flowtoestand versterken elkaar, want het ervaren van flow versterkt iemands gevoel van competentie, en het zich competent voelen vergroot de kans op het ervaren van een mentale flowtoestand.

Mentale weerbaarheid en gezondheid welbevinden wandelcoach Den Haag cognitieve, emotionele en sociale vaardigheden die iemand in staat stellen een zinvol, lerend en productief leven te leiden en succesvol verschillende sociale rollen en functies te vervullen gedurende de verschillende stadia in diens levensloop
Mentale weerbaarheid en gezondheid

Competentie en flowtoestand zijn belangrijk voor zowel individuen als organisaties. Beide begrippen worden in verband worden gebracht met positieve resultaten zoals motivatie, productiviteit, creativiteit, leren, welzijn en tevredenheid. Door een werkomgeving te creëren die competentie en de bijhorende mentale toestand ondersteunt, kunnen werkgevers een positieve werkcultuur bevorderen waarin werknemers zich gewaardeerd, bekwaam en betrokken voelen bij hun werk.

Flow en hersenen

 alfa theta

De flowtoestand is ook meetbaar in de hersenen. Uit onderzoek blijkt dat flow wordt gekenmerkt door verhoogde theta-activiteiten in de frontale gebieden en gematigde alfa-activiteiten in de frontale en centrale gebieden. Deze hersengolven treden op wanneer we ons in een ontspannen, maar ook gefocuste staat bevinden. Dergelijke verhoogde theta en alfa-activiteiten wijzen op een diepe betrokkenheid bij de taak, een gevoel van tijdverlies en een verlies van zelfbewustzijn. Dit fenomeen wordt vaak waargenomen bij kunstenaars, atleten en andere individuen die volledig opgaan in hun werk of passie.

Hoe kom je in flow?

Flow laat zich niet afdwingen, maar je kunt hem wél uitnodigen door de juiste omstandigheden en prikkels te scheppen. Een belangrijke ingang is inspiratie. In psychologisch onderzoek heeft inspiratie als kenmerk wat Thrash en Elliot evocatie noemen: inspiratie wordt opgeroepen door iets buiten jezelf en laat zich niet zomaar bevelen (Thrash & Elliot, 2003). Je kunt flow dus niet rechtstreeks oproepen, maar je kunt jezelf wél blootstellen aan prikkels die de vonk ontsteken. Denk aan een inspirerend voorbeeld: iemand die de activiteit beoefent waarin jij wilt opgaan. Door je daaraan op te trekken, raak je eerder geactiveerd en gemotiveerd om zelf te beginnen.

Welke prikkels jóu in flow brengen, is persoonlijk. Daarom helpt het om je eigen flow-repertoire op te bouwen via zelfobservatie. Houd een tijdje bij wanneer je vanzelf opging in een taak, en wat daaraan voorafging. Voor de een is dat een bepaald muziekstuk, voor de ander een wandeling in de natuur, en voor weer een ander het terugkijken naar werk dat je eerder ín flow maakte — je eigen eerdere werk als voorbeeld dat je opnieuw op gang brengt.

Zorg ten slotte voor een vrije aanloop. Stem de taak af op je vaardigheid, zodat de uitdaging klopt (zie competentie), en bescherm je concentratie door één ding tegelijk te doen en afleiding weg te nemen. Ook je energie speelt mee: wie vitaal is, komt makkelijker in flow dan wie uitgeput is. Zo wordt in flow komen geen toeval, maar iets waar je zelf regie over voert: je leert je eigen voorwaarden kennen en schept ze bewust.

Literatuur Flow

Bakker, A. B., & Van Woerkom, M. (2017). Flow at work: A self-determination perspective. Occupational Health Science1, 47-65.

Katahira, K., Yamazaki, Y., Yamaoka, C., Ozaki, H., Nakagawa, S., & Nagata, N. (2018). EEG correlates of the flow state: A combination of increased frontal theta and moderate frontocentral alpha rhythm in the mental arithmetic task. Frontiers in psychology9, 300.Kotler, S., Mannino, M., Kelso, S., & Huskey, R. (2022). First Few Seconds for Flow: A Comprehensive Proposal of the Neurobiology and Neurodynamics of State Onset. Neuroscience & Biobehavioral Reviews, 104956.

Kotler, S., Mannino, M., Kelso, S., & Huskey, R. (2022). First Few Seconds for Flow: A Comprehensive Proposal of the Neurobiology and Neurodynamics of State Onset. Neuroscience & Biobehavioral Reviews, 104956.

Thrash, T. M., & Elliot, A. J. (2003). Inspiration as a psychological construct. Journal of Personality and Social Psychology, 84(4), 871–889.

Competentie

Competentie  zelfdeterminatietheorie epsychologische behoeften beheersing doeltreffendheid uitdaging flow ondersteuning tolerantie
autonomie, competentie en saamhorigheid

Competentie is volgens de zelfdeterminatietheorie een van de drie belangrijke psychologische behoeften die mensen motiveren om goed te presteren en zich tevreden te voelen op het werk of in de studie. Competentie staat als basisbehoefte naast autonomie en verbondenheid. Het begrip competentie verwijst naar het gevoel van beheersing en doeltreffendheid die iemand in werk of studie beleeft. Competentie is de basis van de “flow” die iemand kan beleven, een mentale toestand die grote voldoending geeft. Ook het begrip “mastery-mindset” of groei-mindset is verbonden aan competentie, net zoals het doel van levenslang leren en ontwikkelen.

Competentie/bekwaamheid kan op het werk op de volgende manieren worden ondersteund:

– Optimale uitdaging:

optimale uitdaging competentie
optimale uitdaging

Dit betekent taken aanbieden die noch te gemakkelijk, noch te moeilijk zijn voor het vaardigheidsniveau van de werknemer, student of leerling. Te gemakkelijke taken kunnen leiden tot verveling en afhaken, terwijl te moeilijke taken frustratie en angst kunnen veroorzaken. Een optimale uitdaging stimuleert interesse, nieuwsgierigheid en leren. Werknemers en studenten leren namelijk graag nieuwe vaardigheden en bekwaamheden. Competentie en flow zijn hierbij twee nauw verwante concepten in de positieve psychologie die de optimale staat van menselijk functioneren beschrijven.

– Duidelijke verwachtingen:

Dit betekent het communiceren van de normen en criteria voor succesvolle prestaties, evenals de rollen en verantwoordelijkheden van elke werknemer. Duidelijke verwachtingen helpen werknemers te begrijpen wat er van hen wordt verwacht. Werknemers of studneten weten hoe ze zullen worden geëvalueerd, en hoe ze hun prestaties kunnen verbeteren. Duidelijke verwachtingen verminderen ook dubbelzinnigheid en onzekerheid, die de competentie kunnen ondermijnen.

– Duidelijke doelen:

Belangrijk zijn specifieke, meetbare, haalbare, relevante en tijdgebonden (SMART) doelen. Elke taak of project heeft dus duidelijke doelen.. Deze doelen helpen werknemers hun aandacht en inspanningen te richten op de belangrijkste aspecten van hun werk, en bieden een duidelijke richting en doel. Begrijpelijke doelen stellen werknemers ook in staat hun vooruitgang en prestaties te volgen en hun successen te vieren.

– Kleine stappen met adequate ondersteuning:

psycholoog wandelcoach Den Haag genschappen methode tools en technieken gesprek analytische vaardigheden oplossingsgericht positieve psychologie gedrag
kleine stappen

Het is belangrijke om complexe of moeilijke taken op te delen in kleinere en beheersbare deeltaken. Ook zal een manager of onderwijzer voor elke deeltaak de nodige middelen, begeleiding en hulp bieden (“scaffolding”). Kleine stappen helpen werknemers zich zekerder en capabeler te voelen om hun werk af te maken, en verminderen het risico op overweldiging of mislukking. Adequate ondersteuning helpt werknemers om uitdagingen en moeilijkheden te overwinnen en van hun fouten te leren.

– Constructieve feedback:

Dit betekent het geven van tijdige, specifieke, evenwichtige en bruikbare feedback over de prestaties, sterke punten en verbeterpunten van de werknemer. Constructieve feedback helpt werknemers hun prestaties te erkennen en hun bekwaamheid te waarderen, alsook hun tekortkomingen en groeimogelijkheden te identificeren. Constructieve feedback moedigt werknemers ook aan om proactief feedback te zoeken en te gebruiken om hun prestaties te verbeteren.

– Hoge tolerantie voor fouten:

Dit betekent het creëren van een cultuur van leren en experimenteren, waarin fouten worden gezien als kansen om te leren in plaats van als indicatoren van incompetentie. Een hoge tolerantie voor fouten helpt werknemers zich veilig te voelen om risico’s te nemen, nieuwe dingen te proberen en te innoveren. Het helpt werknemers ook om te gaan met tegenslagen en mislukkingen, en daarvan te leren zonder hun vertrouwen of motivatie te verliezen.

Mentale weerbaarheid en gezondheid welbevinden wandelcoach Den Haag

Door competentie op het werk op deze manieren te ondersteunen, kunnen werkgevers een positieve werkomgeving bevorderen waarin werknemers zich gewaardeerd, bekwaam en betrokken voelen bij hun werk. Alswerkgevers en docenten competentie van medewerkers, leerlingen en studenten ondersteunen, draagt dit in belangrijke mate bij aan hun mentale weerbaarheid.

Zelfeffectiviteit en zelfvertrouwen

Competentie overlapt met het belangrijke begrip “self-efficacy” of zelfeffectiviteit, dat Bandura heeft gemunt. Bandura heeft aangetoond dat het geloof dat men gewenste resultaten kan bereiken een bepalende factor is van psychologische gezondheid en van succesvol handelen.

Competentie zelfdeterminatietheorie beheersing doeltreffendheid uitdaging flow ondersteuning weerbaarheid Zelfeffectiviteit zelfvertrouwen

Zelfeffectiviteit leidt tot meer zelfvertrouwen. Hierbij is zelf-effectiviteit gericht op een bepaalde, specifieke taak. Zelfvertrouwen kan zeer vaag zijn. Het komt ook best veel voor, dat zelfvertrouwen overdreven is. Bij gedragsverandering is daarom het altijd heel belangrijk om specifiek en heel concreet te zijn: om welk gedrag gaat het, in welke situatie. Bij verandering van gedrag is veelal zelfeffectiviteit veel belangrijker dan zelfvertrouwen. Zelfeffectiviteit is veranderbaar: self-efficacy wordt weliswaar beïnvloed door ervaringen uit het verleden, maar concrete kleine stappen, feedback, model-leren (voorbeeld-leren) kunnen zelfeffectiviteit, compententie en daarmee intrinsieke motivatie aantoonbaar veranderen.

flow
flow

Zelfeffectiviteit mist wel het belangijke element van flow. Competentie is in de zelfdeterminatietheorie gekoppeld aan de mentale flow, een toestand van zelfovergave en concentratie.

Informeel leren

Het is belangrijk om levenslang te blijven ontwikkelen en leren. Dat hoeft niet op formele manier gebeuren en ook niet alleen op het werk of in een opleiding. Leren en ontwkkelen kan heel goed ook hobbies omvatten. Belangrijk is wel een bepaalde uitdaging: mentaal, cognitief, sociaal of fysiek. Stagnatie is gif voor mentaal en fysiek welzijn.

Literatuur

Bandura, A. (1977). Self-efficacy: toward a unifying theory of behavioral change. Psychological review84(2), 191.

Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2022). Self-determination theory. In Encyclopedia of quality of life and well-being research (pp. 1-7). Cham: Springer International Publishing.

Psychologische basisbehoeften

De zelfdeterminatietheorie

zelfdeterminatietheorie, dat de intrinsieke motivatie van mensen samenhangt met 3 factoren (psychologische basisbehoeften) : autonomie, competentie en saamhorigheid
zelfdeterminatietheorie

De zelfdeterminatietheorie of zelfbeschikkingstheorie (SDT; Ryan en Deci 2017) is uitgegroeid tot een zeer invloedrijke theorie over menselijke motivatie en welzijn met een enorme hoeveelheid wetenschappelijke onderbouwing. Deze theorie is gebaseerd op omvangrijk empirisch onderzoek. Zij biedt een raamwerk voor het begrijpen van de motivationele basis van persoonlijkheid en sociaal gedrag. De theorie omvat ook de relatie van psychologische basisbehoeften tot welzijn, psychologische bloei en groei (“Flourishing”) en hoge levenskwaliteit.

SDT richt zich op uiteenlopende vormen van motivatie om uitkomsten als prestatie, betrokkenheid, vitaliteit en psychologische weerbaarheid te voorspellen. Met name maakt de theorie een verschil tussen intrinsieke en extrinsieke motivatie. Maar de theorie is geen zwart-wit model, de theorie beschrijft ook de tussenvormen tussen intrinsieke en extrinsieke motivatie. Bijvoorbeeld kan een motivatie oorspronkelijk door ouders of school zijn aangemoedigd, maar de persoon heeft zich deze motivatie bijna volledig eigen gemaakt.

SDT stelt ook dat er universele psychologische basisbehoeften zijn behoeften zijn die universeel bevredigd moeten worden om psychologie groei, integriteit, en welzijn mogelijk te maken. Deze basishoeften zijn: autonomie, competentie en verbondenheid. Ondersteuning van deze basisbehoeften zorgt voor intrinsieke motivatie, bevlogenheid en vitaliteit.

De ondersteuning van basisbehoeften

Autonomie kan op de volgende manier ondersteund worden: link

De basisbehoefte competentie kan op de volgende manier ondersteund worden: link

De basisbehoefte verbondenheid kan op de volgende manier ondersteund worden: link

Onderzoek toont aan, dat ondersteuning van de psychologische basisbehoeften belangrijke gevolgen heeft:

*Duurzame inzetbaarheid:

Onderzoek is er duidelijk over: het ondersteunen van de psychologische basisbehoeften en dus intrinsieke motivatie is de basis voor duurzame inzetbaarheid.

Bevlogenheid:

Mensen die intrinsiek gemotiveerd zijn meestal (pro)actief, onderzoekend, nieuwsgierig en speels, tonen meer initiatief, volharden bij uitdaging en mislukking en zijn onafhankelijker van bij gebrek aan positieve terugkoppeling.

*Creativiteit

Creativiteit Intrinsieke motivatie spontaniteit originaliteit

Intrinsieke motivatie bevordert spontaniteit, originaliteit, persoonlijke authenticiteit en creativiteit.

*Hoge kwaliteit van leren

Innerlijke gedrevenheid verbetert het conceptuele begrip, actieve informatieverwerking, concentratie en effectief gebruik van leerstrategieën. Intrinsieke motivatie te leren was indirect en positief gerelateerd aan academische prestaties via de betrokkenheid in de klas (Froiland & Worrell, 2016). Het intrinsieke leren komt dichtbij de zogenaamde groei-mindset (Carol Dweck).

*Prestatie vanuit een mastery-mindset

Mastery mindset groei-mindset uitdaging leren feedback positieve psychologie ontwikkeling verbeteren growth mindset

De intrinsiek gemotiveerde medewerker wil dingen leren beheersen (competentie). De meer extrinsiek gemotiveerde medewerker kijkt naar beoordeling van buiten, naar status en bevestiging. Dat is niet in alle gevallen slecht, maar extrinsiek gemotiveerde mensen zijn minder creatief en op den dur minder gezond en kunnen bovendien anderen niet goed in hun bevlogenheid aanmoedigen. Moderne organisaties zijn op zoek naar medewerkers met een intrinsieke mastery-mindset.

*Welzijn en gezondheid:

Mentale weerbaarheid en gezondheid welbevinden wandelcoach Den Haag cognitieve, emotionele en sociale vaardigheden die iemand in staat stellen een zinvol, lerend en productief leven te leiden en succesvol verschillende sociale rollen en functies te vervullen gedurende de verschillende stadia in diens levensloop
Mentale weerbaarheid en gezondheid

intrinsiek gemotiveerde mensen presteren meestal goed en genieten van wat ze doen, zijn gelukkiger, productiever en minder angstig en rapporteren hogere niveaus van levenstevredenheid en eigenwaarde. Te weinig innerlijke gedrevenheid en ontbreken van autonomie, competentie en saamhorigheid kan daarentegen bijdragen aan een burn-out (Rawolle et al., 2016).

*Buffer tegen werkstress

Binnen het ook in Nederland onderzochte belangrijke Job-Demand-Resources model wordt intrinsieke motivatie als “resource” opgevat, dus als een element dat een buffer tegen werkstress opbouwt. Om deze reden is het vervullen van psychologische behoeften en het creëren van intrinsieke motivatie en daarmee “engagement”, dus bevlogenheid, ook een belangrijk element van job crafting.

SDT en positieve psychologie

De zelfdeterminatietheorie heeft een sterke overlap met de positieve psychologie, ook al is de historische ontwikkeling van deze twee richtingen verschillend. De humanistische zelfdeterminatietheorie was er al eerder. Richard Ryan, naast Edward Deci één van de twee wetenschappers, die de zelfdeterminatietheorie hebben ontwikkeld, werkt dan ook aan het “Institute for Positive Psychology & Education”.

In vergelijking met de delen van de positieve psychologie, die zich voral op positief denken richten, is de zelfdeterminatietheorie meer gericht op gedrag. Denkbeelden zoals een positief zelfbeeld spelen in de SDT geen grote rol. Het is belangrijker om op groei, leren en ontwikkelen gericht te zijn, dan op een positief zelfbeeld. Een persoon die op groei en “mastery” gericht is, zal een impliciet positief zelfbeeld hebben, zonder dit tot doel te maken. Hetzelfde geldt voor autonomie: autonomie heeft een overlap met de attributietheorie en de zogenaamde “locus of control“. Maar autonomie is ook verankerd in de realiteit en in gedrag, is niet puur cognitief.

Psychologische en fysiologische behoeften

Anders dan de (wetenschappelijk niet bewezen) theorie van Maslow, gaat de zelfdeterminatietheorie er niet van uit, das fysiologische behoeften belangrijker of meer “basic” zijn dan psychologische behoeftes. Mensen kunnen honger of moeheid tolereren, als zij hoog gemotiveerd zijn. Andersom lijden eetpatronen en slaap onder een psychologische burnout. Er is dus veel wisselwerking tussen psychologische en fysiologische behoeften. Beide domeinen van behoeften zijn essentieel voor ons welzijn.

Literatuur

Ryan, R., & Deci, E. (2017). Self-determination theory : Basic psychological needs in motivation, development, and wellness.

Ryan, R. (2019). The Oxford handbook of human motivation (Second ed., Oxford handbooks online).

Ryan, R. M., Deci, E. L., Vansteenkiste, M., & Soenens, B. (2021). Building a science of motivated persons: Self-determination theory’s empirical approach to human experience and the regulation of behavior. Motivation Science7(2), 97.

Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2022). Self-determination theory. In Encyclopedia of quality of life and well-being research (pp. 1-7). Cham: Springer International Publishing.

Autonomie

Autonomie is een van de drie psychologische basisbehoeften die volgens de zelfdeterminatietheorie (ZDT) van Deci en Ryan essentieel zijn voor motivatie, welbevinden en groei. Wie zich autonoom voelt, heeft het gevoel zelf regie te voeren over het eigen leven en keuzes te maken die aansluiten bij de eigen interesses, waarden en doelen. Autonomie gaat dus over het gevoel dat je handelen echt van jou is.

zelfdeterminatietheorie, dat de intrinsieke motivatie Welzijn en intrinsieke motivatie van mensen samenhangt met 3 factoren (psychologische basisbehoeften) : autonomie, competentie en saamhorigheid

Autonomie wordt vaak verkeerd begreen als onafhankelijkheid of individualisme. Je kunt je volledig autonoom voelen én tegelijk nauw verbonden zijn met anderen en op hen leunen. Het gaat er niet om alles alleen doen, maar om de innerlijke instemming met wat je doet. Zelfs taken die door anderen worden opgelegd, kun je autonoom uitvoeren, namelijk wanneer je voldoende spelruimte hebt en begrijpt waarom iets zinvol is. Autonomie is in die zin een van de bouwstenen van een breder gevoel van eigen regie (agency).

Hoe de omgeving autonomie ondersteunt

Autonomie wordt versterkt door een omgeving die rekening houdt met de perspectieven, gevoelens en behoeften van de ander. Dat kan op verschillende manieren:

autonomie
  • Het perspectief van de ander innemen. Proberen te begrijpen wat de ander denkt, voelt en wil, en daar respectvol mee omgaan. Dit vergroot het vertrouwen en de verbondenheid tussen mensen.
  • Onderbouwde uitleg geven. Duidelijk maken waarom een taak of activiteit zinvol is, en hoe die bijdraagt aan een groter geheel. Dat vergroot het gevoel van betrokkenheid en zingeving.
  • Vriendelijk formuleren. Positieve, ondersteunende en bemoedigende taal gebruiken in plaats van dwingende, controlerende of kritische woorden. Dat vergroot het gevoel van waardering en respect.
  • Geduld tonen. De tijd nemen om te luisteren, vragen te stellen en feedback te geven, zonder te haasten, te onderbreken of te oordelen. Dat geeft ruimte en veiligheid.
  • Negatieve emoties toestaan. Erkennen dat de ander moeilijkheden, frustraties of teleurstellingen kan ervaren, zonder die emoties weg te wuiven, te ontkennen of te willen veranderen. Dat vergroot het gevoel van authenticiteit en acceptatie. Zie ook: betere relaties.

Wanneer de omgeving autonomie op deze manier ondersteunt, ontstaat er meer intrinsieke motivatie. Autonomie is daarmee een cruciale factor voor persoonlijke ontwikkeling en groei.

De zelfdeterminatietheorie is de meest moderne motivatietheorie en legt de basis voor gezondheid, motivatie en creativiteit, zowel op het werk als in het persoonlijk leven.

Literatuur

Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2017). Self-determination theory: Basic psychological needs in motivation, development, and wellness. The Guilford Press.

Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2022). Self-determination theory. In Encyclopedia of quality of life and well-being research (pp. 1–7). Springer International Publishing.